

De zondebok van de familie kiest vaak een partner waar haar ouders het niet mee eens zijn. De favoriete dochter van vader trouwt dikwijls met een oudere man. En kinderen uit een goed huwelijk hebben vaak zelf ook stabiele, duurzame relaties. Kortom: je familie heeft meer invloed op de liefde dan je misschien zou denken.
Wie als jonge volwassene het ouderlijk huis verlaat, krijgt een rugzakje met familiewaardes en opdrachten mee. ‘Over je gevoel praat je niet’ bijvoorbeeld, ‘buitenstaanders zijn niet te vertrouwen’, of ‘jezelf opofferen voor anderen maakt je een beter mens’. Al die boodschappen spelen een rol bij het aangaan van relaties, vaak zonder dat je je ervan bewust bent.
Loyaal
“Je kunt het leven zien als een liefdesladder”, zegt Else-Marie van den Eerenbeemt, familietherapeut, docent en onderzoeker op het gebied van familiebetrekkingen. “De staanders van de ladder zijn je ouders en andere familieleden. Van hen krijg je boodschappen mee over wie je bent, over wat goed en slecht is, over wat hoort en niet hoort. Ze vormen de basis voor je gekozen relaties, met een partner of vrienden. Dat zijn de sporten op de ladder.”
Zo bekeken is het niet zo verwonderlijk dat familiebanden effect hebben op liefdesrelaties; de staanders en de sporten van de ladder zijn immers onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dat geldt ook als je geen contact meer met je ouders hebt, of als ze overleden zijn, meent Van den Eerenbeemt. “Een ouder-kindrelatie is de meest fundamentele band die mensen kunnen hebben. Die kun je niet opzeggen of beëindigen. Een ex-partner bestaat, een ex-ouder niet.”
Daar komt volgens haar bij dat ieder kind – en dus elke volwassene – in wezen loyaal is aan zijn vader en moeder. Zelfs als de relatie met hen ernstig beschadigd is. “Je bent nu eenmaal uit hen voortgekomen. Het is ondraaglijk om de vijand van je eigen wortels te zijn, want daarmee word je feitelijk een vijand van jezelf.”
Die gezamenlijke wortels leggen de basis voor een onvervangbare vertrouwensband. Hoe die band vorm krijgt, hoe veilig en gewaardeerd je je als kind voelt, bepaalt mede wat voor relaties je later buiten je familie aangaat.
Goekeuring
“Uit onderzoek blijkt dat er een samenhang is tussen de goedkeuring van ouders over een partner en de kwaliteit van de relatie van hun kind”, vertelt familietherapeut Mirjam Diatlowicki. “Als ouders achter de partnerkeuze staan, is de relatie vaker goed. Het geeft kinderen vertrouwen, en creëert ruimte voor een relatie om zich op een positieve manier te ontwikkelen.”
Andersom maakt een ouderlijke afwijzing het knap lastig om je relatie stevig te houden. Diatlowicki: “Als je ouders je partner maar een loser vinden, kom je onherroepelijk in een loyaliteitsconflict terecht. In zo’n situatie is het heel moeilijk om je emotioneel helemaal aan je partner te geven, hoe zeer je ook achter je eigen keus staat. Dat kan over en weer wrevel en verwijten veroorzaken, en effect hebben op de intimiteit en je seksleven.”
Wat moet en mag
Het (onuitgesproken) erfgoed over liefde en relaties dat je van je familie meekrijgt kan je op verschillende manieren beïnvloeden, vertelt Van den Eerenbeemt. De dingen die je van je ouders mag, oftewel het legaat, helpen je om jezelf te ontwikkelen. De boodschappen zijn dan een hulpmiddel of houvast bij de inrichting van je toekomst. Een gevoel van rechtvaardigheid is bijvoorbeeld een legaat, of de vrijheid om je eigen partner te kiezen, ongeacht zijn afkomst. Maar er is ook zoiets als een delegaat. Dat zijn de dingen die je moet, de dwingende opdrachten. Je familie gelast je – al dan niet stilzwijgend – om op een bepaalde manier te leven, die eigenlijk niet bij je past. Als je als kind bijvoorbeeld hebt geleerd dat buitenstaanders eropuit zijn je te kwetsen, maakt dat het als volwassene lastig om anderen te vertrouwen. Mensen die die boodschap hebben meegekregen, hebben vaak moeite om een liefdesrelatie aan te gaan.
Een delegaat hangt vaak samen met een bepaalde ‘rol’ die je in de familie vervult, aldus Van den Eerenbeemt. “Bijvoorbeeld die van rustbewaarder, zorgdrager of zondebok. Voor je gevoel moet je je daaraan houden – dat verwacht je familie immers – maar tegelijk belemmert het je om helemaal jezelf te kunnen zijn. Verzet je je ertegen, dan voel je je niet loyaal aan je ouders. Ga je er in mee, dan ben je onloyaal aan jezelf.”
Goedmaken
Teveel aan de verwachtingen van je vader en moeder willen voldoen kan problemen in je relatie geven, maar je er tegen afzetten óók. “Je ziet regelmatig mensen die het heel anders willen doen dan hun ouders”, zegt Diatlowicki. “Op die manier denken ze korte metten te kunnen maken met de boodschappen waarmee ze zijn opgegroeid. ‘Dat heb ik uit mijn systeem gewerkt’, hoor je dan. Maar de pijn blijft. En daarmee ook de invloed op hun eigen relatie.”
Het gevaar bestaat volgens Diatlowicki dat je wéér vast komt te zitten in een opdracht, maar dan één tegenovergesteld aan die je van je ouders hebt gekregen. “Zo willen volwassen kinderen van gescheiden ouders soms koste wat het kost voorkomen dat hun eigen huwelijk misloopt. Dat legt een enorme druk op de relatie. Een partner kan de hoge verwachtingen vaak niet waarmaken. Met de kans dat het dan dus toch fout loopt.”
Een andere valkuil is in je relatie pijn van vroeger ‘goed te willen maken’. Diatlowicki: “Een vrouw met een kille, harteloze moeder zal haar man mogelijk overladen met aandacht, om te verhoeden dat hij net zo moet lijden als haar vader vroeger. Maar wie zegt dat hij daarop zit te wachten? Als je zo je best doet om het ‘anders’ te doen, bestaat de kans dat je de werkelijke behoefte van je partner uit het oog verliest. Je denkt dat je hem behaagt, maar feitelijk ben je vooral met je eigen pijn bezig.”
Een andere vorm van ‘goedmaken’ is bij je partner te zoeken wat je zelf als kind hebt gemist. Dat zie je volgens Diatlowicki vooral gebeuren bij mensen die zich toen ze klein waren nutteloos of minderwaardig voelden. “Volwassenen die als kind emotioneel verwaarloosd zijn, proberen vaak genoegdoening te halen bij hun partner. Tevergeefs, want als je het basisvertrouwen in jezelf mist, kan een partner nooit genoeg bewijzen dat hij van je houdt.”
Verbonden
Wil dat zeggen dat je, als je een ongelukkige jeugd hebt gehad, of een moeizame band met je ouders hebt, je nooit een goede liefdesrelatie kunt opbouwen? “Gelukkig niet”, meent Diatlowicki. “Maar je moet er in dat geval wel harder voor werken.”
Het is volgens haar onmogelijk om in een relatie helemaal met een schone lei te beginnen. “Familiepatronen zijn zo ingesleten, dat je dikwijls je hele leven nodig hebt om daar een passend antwoord op te vinden. Als dat lukt, kom je een stapje verder. Boodschappen uitwissen is lastig, maar je kunt er wel een voor jou positieve interpretatie aan geven.”
Daarvoor is het nodig dat je je ouders niet langer de schuld geeft van hoe je je voelt, aldus Diatlowicki. “Dat is alleen maar negatieve energie. Als je inziet dat je ouders zelf ooit ook kinderen waren, die aan de verwachtingen van hún ouders moesten voldoen, kun je ze hun fouten makkelijker vergeven en hoef je die niet meer goed te maken in je eigen relatie.”
‘Vrijheid in verbondenheid’ noemt Van den Eerenbeemt dat. “Je bent vrij in het maken van je eigen liefdeskeuzes, maar altijd in het besef dat je kind blijft van je ouders, en dat je beïnvloed wordt door de ‘pincode’ die van generatie op generatie wordt doorgegeven. De truc is je daar niet aan te willen onttrekken, maar er een persoonlijke invulling aan te geven. Je eigen toekomst scheppen is niet een kwestie van je losmaken van je ouders, maar van het maken van eigen keuzes in de wetenschap dat je met hen verbonden bent.”
[Optioneel kader]
Familietherapie
- Op www.contextueelwerkers.nl vindt u een overzicht van familietherapeuten in heel Nederland.
- Www.mdmcontext.nl is de website van de praktijk van Mirjam Diatlowicki.
- Op www.else-marie.nl vindt u meer informatie over het werk van Else-Marie van den Eerenbeemt.
[Optioneel kader]
Meer lezen?
- Else-Marie van den Eerenbeemt, De liefdesladder – Over familie en nieuwe liefdes (Uitgeverij Archipel, 2007).
- Else-Marie van den Eerenbeemt, Door het oog van de familie – Liefde, leed en loyoaliteit (Uitgeverij Bert Bakker, 2008).
- Mark Bryan, Taal van de liefde – Verbeter je familierelaties en ontdek jezelf (The house of books, 2000).
- Ed Nissink, Je ouders op je schouders – De relatie herzien (Uitgeverij Ankh-Hermes, 2002).
[Kader]
Willemijn Pauw (53) werkt op de financiële administratie van een universiteit. Ze heeft sinds zeven jaar een LAT-relatie met Patrick. Haar twee jaar jongere broer overleed toen ze 28 was. Ze heeft een halfzus van 40.
“Op mijn negende vertrok mijn vader. Daarna heb ik hem nooit meer gezien of gesproken, mede uit loyaliteit naar mijn moeder. Met haar heb ik over die gebeurtenis – tot op de dag van vandaag – nooit gepraat. ‘Problemen los je zelf maar op’; dat was de onuitgesproken boodschap die ik meekreeg. Als oudste kind werd ik bovendien geacht mezelf te redden.
Van mijn vader kan ik me niets herinneren. Als persoon heeft hij mijn relaties dus niet beïnvloed. Het feit dat hij ons in de steek liet deed dat wel. Ik heb heel lang moeite gehad anderen te vertrouwen. Net als mijn moeder voelde ik me als mens minderwaardig, en was ik bang om in de steek te worden gelaten.
Net uit huis trouwde ik met een man die me als oud vuil behandelde. Toch ben ik zeven jaar bij hem gebleven, uit angst om alleen te zijn. Mijn moeder heb ik nooit over die ellendige tijd verteld. Na het vertrek van mijn vader en de dood van mijn broertje wilde ik haar niet nog meer belasten. Ik kropte al mijn gevoel op.
Na nog een mislukte relatie ben ik een aantal jaar alleen geweest. Dat was nodig om mezelf te leren kennen. In die tijd heb ik heel wat afgeanalyseerd. Ik kreeg meer begrip voor mijn ouders, en wist me langzaam van hen los te maken. Dat maakte de weg vrij voor de geweldige, positieve relatie die ik nu heb. Als we een huis vinden dat groot genoeg voor ons beide is, willen we zelfs gaan samenwonen!”
Om privacyredenen is de naam van Willemijn veranderd.
[Kader]
Ellen Meijer (49) – de oudste van drie kinderen – is fotograaf. Ze is 25 jaar getrouwd met Pieter, met wie ze een zoon van 23 en een dochter van 19 heeft.
“Het huwelijk van mijn ouders heeft me vooral geleerd wat ik niet wilde: de dominante, vernederende manier waarop mijn vader mijn moeder – en ons – behandelde. Het maakte me argwanend naar mannen; ik was doodsbang om net zo afhankelijk te worden. Gelukkig trof ik een rustige, gevoelige man, die me in mijn waarde laat.
Als oudste kind werd ik mijn moeders steunpilaar. Ze eiste een groot deel van mijn tijd en aandacht op. Mijn leven stond in dienst van haar, ook toen ik allang uit huis was. Wat ik wilde deed niet ter zake. Het voelde vreselijk benauwend, en maakte me heel onzeker. Maar toch deed ik alles wat ze vroeg. Mijn taak was immers om mezelf voor haar op te offeren.
Die situatie veranderde pas toen ik negen jaar geleden na een ongeluk fysiek niet meer in staat was mijn moeder te helpen. Daarop liet ze me als een baksteen vallen. Wéér kreeg ik de boodschap, die mijn ouders me ook als kind gaven: je bent niet belangrijk, je telt niet mee.
Door het ongeluk ben ik me gaan realiseren hoe ongezond de relatie met mijn moeder eigenlijk was. Sindsdien werk ik er hard aan om de negatieve patronen te doorbreken. Voor mezelf, maar vooral ook om een ander voorbeeld aan mijn kinderen te geven. Dat gaat steeds beter. Toch blijven sommige dingen moeilijk, vooral omdat ik ze nooit heb geleerd. Over mijn gevoelens praten bijvoorbeeld, of tijd of aandacht voor mezelf vragen. Ergens voelt het nog steeds alsof dat niet hoort.”
Om privacyredenen is de naam van Ellen veranderd.



