Dit artikel is gepubliceerd in Trouw, 9 januari 2008.
In meer dan de helft van alle Nederlandse gezinnen lopen één of meer huisdieren rond. Behalve veel plezier geven die af en toe ook zorgen. Als ze ziek zijn bijvoorbeeld. Een bezoekje aan de dierenarts ligt dan voor de hand, maar soms is dat lastig. Omdat de praktijk zo’n eind verderop zit. Omdat het duur is. Of omdat je partner het overdreven vindt. Het gevolg: veel verborgen dierenleed. Dat moet beter kunnen, dacht ondernemer Henk van Benthem. Hij ontwikkelde het concept van de DierOtheek: een dierenartspraktijk in de dierenspeciaalzaak. In februari 2008 wordt het derde filiaal geopend.
Het is woensdagmiddag, 14.00. In de wachtkamer van de pas geopende DierOtheek in Steenwijk zit Ingrid met haar hondje Twixie, een klein, grijs bolletje (ras: Chichou Malterzer) van negen weken oud. Vandaag wordt hij ingeënt. “Echt ideaal”, zegt Ingrid, “dat ik zonder afspraak zo even kan binnenlopen.” Ze is zeer te spreken over de DierOtheek, vooral ook omdat er altijd een dierenartsassistente aanwezig is. “Laatst nog ben ik met mijn andere hond langsgegaan. Een vriendin zei dat hij vlooien had. Ik heb dat toen meteen laten nakijken. Met zo’n vraag zou ik niet gauw naar de dierenartspraktijk zijn gegaan. Dat voelt toch een beetje suf. Bovendien ga je daar betalen op het moment dat je de drempel overstapt.”
Drie jaar geleden startte Henk van Benthem met zijn keten dierenspeciaalzaken Dier-all-in. Van de vijf winkels die hij inmiddels heeft geopend (in Urk, Genemuiden, Epe, Steenwijk en Meppel) hebben er twee (Epe en Steenwijk) een DierOtheek. In februari komt daar een derde bij, in Meppel. “Ik liep al een paar jaar met het idee van de DierOtheek rond”, vertelt Van Benthem. “Voor ik met deze keten begon had ik een aantal andere dierspeciaalzaken. Telkens weer viel me daar op dat de drempel om naar de dierenartspraktijk te gaan voor veel klanten hoog is. Ze vinden het probleem van hun dier nog niet erg genoeg. Of ze zijn bang voor de hoge kosten. Het gevolg is dat ze met veel vragen bij het winkelpersoneel aankloppen. Maar die kunnen ze ook niet altijd helpen.”
Waarom niet de kennis en kunde van de dierenarts combineren met de laagdrempeligheid van een winkel?, dacht Van Benthem. Het idee van de DierOtheek was geboren. Het concept is simpel: in de dierenspeciaalzaak is een aparte ruimte ingericht als behandelkamer. Daar houdt een dierenarts vooralsnog één keer per week inloopspreekuur. De rest van de week is er altijd een dierenartsassistente aanwezig. Als het rustig is in de DierOtheek werkt zij mee in de winkel. “Op die manier blijft het voor mij economisch interessant”, aldus Van Benthem.
Alle medicijnen en dieetvoeders die je anders in de dierenartspraktijk haalt, zijn ook in de DierOtheek verkrijgbaar. Zo kun je na een consult direct de benodigde spullen meenemen. Klanten kunnen met allerhande vragen bij de DierOtheek terecht. “Vaak gaat het om hele simpele dingen”, vertelt dierenartsassistente Iedeke Heetebrij. “Hoe vaak je een hond eten moet geven bijvoorbeeld. Puppy’s krijgen meestal drie keer per dag voer, maar hoe lang ga je daarmee door? Mensen voelen zich ongemakkelijk om met dat soort ‘domme’ vragen bij een dierenarts aan te kloppen. Bovendien is de drempel hoog omdat je daar een afspraak moet maken.”
Kleine handelingen, zoals advies over ontwormen en ontvlooien, het verwijderen van hechtingen en het knippen van nagels, doet Iedeke zelf. Constateert ze dat er iets serieuzers aan de hand is, dan verwijst ze door naar het spreekuur van de dierenarts. Voor gedragsproblemen wordt eens per maand een apart spreekuur met gedragsdeskundigen georganiseerd.
Afgezien van de praktische hulp vindt Iedeke vooral haar voorlichtingsfunctie belangrijk. “Er heerst nog veel onwetendheid over hoe je een dier moet verzorgen. Sommige mensen modderen maar wat aan. Niet uit kwade wil, maar gewoon omdat ze niet beter weten. Als ze hier in de winkel komen om hun voer of kattenbakgrind te kopen, kan ik ze over van alles en nog wat adviseren. Ik ben ervan overtuigd dat we op die manier een hoop onnodig dierenleed voorkomen.”
De DierOtheek in Steenwijk werkt samen met de plaatselijke dierenartspraktijk De Woldberg. In eerste instantie waren ze daar maar matig enthousiast over het initiatief. “Het is natuurlijk een beetje vreemd om als dierenarts met een praktijk elders in de stad spreekuur te houden in een winkel”, zegt dierenarts Bas van Dongen. “Soms komen er maar een paar mensen langs. We vroegen ons af of het al het gedoe waard was. Uiteindelijk hebben we toch besloten om mee te doen, in de hoop onze klantenkring zo te kunnen uitbreiden. En om onze bestaande klanten meer service te bieden.”
Cijfers over de effectiviteit van de DierOtheek zijn er nog niet; daarvoor loopt het initiatief nog te kort. Maar om het een eerlijke kans te geven zijn Van Benthem en De Woldberg overeengekomen de DierOtheek in Steenwijk minimaal twee jaar open te houden.
Van Dongen erkent dat dierenartskosten de afgelopen jaren flink zijn gestegen. “Maar we kunnen tegenwoordig ook veel meer aandoeningen behandelen. Bovendien zijn de medicijnen en de narcosegassen die we gebruiken van een betere kwaliteit. Helaas hangt daar wel een prijskaartje aan. Gelukkig blijven klanten bijna nooit om die reden weg. Er is meestal wel een oplossing te vinden, bijvoorbeeld in de vorm van een afbetalingsregeling. Desondanks raad ik iedereen aan een dierenverzekering af te sluiten. Mensen denken vaak dat daar louche organisaties achter zitten, maar dat is allang niet meer zo. En echt duur is het ook niet meer. Voor een paar euro per maand kun je al je kat verzekeren. Voor honden gaan de tarieven naar gewicht. Dat begint bij zo’n tien euro.”
Henk van Benthem bekijkt ondertussen met een grote glimlach hoe de volgende patiënt de spreekkamer van dierenarts Van Dongen binnenstapt. Het is Stets, de hond van mevrouw Leeuw. “Een echt zorgenkindje”, vertrouwt ze hem toe. Een paar weken geleden haalde ze Stets uit het asiel. Sindsdien is ze erachter gekomen dat hij aan een kant blind en doof is. “Geen idee wat er met hem gebeurd is. Maar hij heeft enorm last van dat oor.” Het zal waarschijnlijk niet de laatste keer zijn dat mevrouw Leeuw een bezoek aan de DierOtheek brengt.
De DierOtheek in Steenwijk is te vinden in dierenspeciaalzaak Dier-all-in aan het Steenwijkerdiep 49. Dierenarts Bas van Dongen houdt spreekuur op woensdag van 14.00 – 16.00. Een afspraak maken is niet nodig. Tijdens openingsuren van de winkel is er altijd een dierenartsassistente aanwezig. Voor meer informatie: www.dierallin.nl of 0521 – 520 265.
<Kader: Huisdieren in Nederland>
Ruim de helft (55%) van de Nederlandse gezinnen bezit één of meer huisdieren. Met name grote gezinnen hebben vaak huisdieren. Katten (47%) en honden (36%) worden het meest gehouden. Ruim tweederde (68%) van de honden wordt door hun baas als rashond aangemerkt. Bij katten is dit percentage aanzienlijk lager (12%). Bijna driekwart (74%) van de huishoudens met huisdieren koopt speciaal dierenvoedsel. De dierenspeciaalzaak (56%) en de supermarkt (37%) zijn de twee belangrijkste aankoopplaatsen. Gemiddeld besteden huisdierenbezitters € 21,80 per maand aan voedsel en andere benodigdheden voor hun huisdieren. Per jaar geeft men gemiddeld bijna € 60 uit aan de dierenarts. Mensen met alleen honden spenderen aanzienlijk meer (ruim € 85) dan mensen die uitsluitend katten houden (ruim € 50). Tijdens de vakantie laat bijna de helft (48%) van de huisdierbezitters de verzorging thuis over aan anderen. Een vijfde (20%) brengt het huisdier onder bij buren, familie, of vrienden. 5% schakelt een dierenpension of -asiel in. Bezitters van uitsluitend honden nemen hun huisdieren relatief vaak mee op vakantie: 36% versus 13% voor alle huisdierenbezitters.
Bron: TNS NIPO, Huisdieren in het Nederlandse gezin 2005 (dec 2005).