MANNENHERSENEN WERKEN ANDERS

17 Feb

scannen0009scannen0010

Mannelijke en vrouwelijke hersenen verschillen van elkaar. Ze horen, zien en ruiken anders. Ze kunnen andere dingen. Ze slaan herinneringen op een andere manier op. Ze verwerken emoties anders. En worden om andere dingen boos. Bovenal ervaren de ze wereld – en de mensen daarin – op een verschillende manier. 

Iedere vrouw kan erover meepraten: haar man, haar vader, haar zoon, haar collega… ze zijn allemaal zó anders dan zij. Dingen die voor haar vanzelfsprekend zijn, lijkt hij niet eens op te merken. Dat zij altijd over haar gevoel wil praten vindt hij maar lastig. En van zijn obsessie met seks en auto’s snapt zij weer niets. ‘Het lijkt wel of hij in een andere wereld leeft’, hoor je haar dan denken. En feitelijk is dat ook zo. 

Goed bekeken is het helemaal niet zo vreemd dat mannen en vrouwen zo verschillend denken, voelen en handelen. Als gevolg van miljoenen jaren evolutie hebben hun hersenen zich namelijk tot heel verschillende organen ontwikkeld. Dat zorgt ervoor dat mannen en vrouwen elk in hun eigen werkelijkheid leven. Met alle onbegrip en misverstanden dien.

1. “Mijn man wordt heel snel boos. Maar dat is meestal ook zo weer over. Ik erger me er wel eens aan, maar kwaad worden? Nee, daar krijg je maar ruzie van.”

Het hersencentrum voor boosheid en agressie is bij mannen veel groter dan bij vrouwen. Vandaar dat je mannen ook makkelijker en sneller kwaad krijgt. Vrouwen daarentegen houden helemaal niet van conflicten. Die afkeer is vooral een kwestie van zelfbehoud. Miljoenen jaren lang was het voor vrouwen letterlijk van levensbelang om de relatie met het andere geslacht goed te houden. Want hoe minder onenigheid, hoe groter de kans op voldoende eten en bescherming.

Vandaag de dag zijn vrouwelijke hersenen er nog steeds op gericht om ruzie te vermijden. Een man vindt rivaliteit vaak leuk; hij krijgt er zelfs een oppepper van. Maar bij een vrouw maakt het juist gevoelens van angst los. Zij vreest al snel dat ze afgewezen wordt, en dat hij haar in de steek zal laten. Dat gevoel wordt nog eens versterkt doordat zij haar eigenwaarde vooral ontleent aan goed contact met anderen, terwijl hij zich sterk voelt als hij onafhankelijk kan zijn. Komt het toch tot een boze woordenwisseling, dan zal een vrouw die trouwens meestal ‘winnen’. Vrouwen zijn namelijk vrijwel altijd beter met woorden dan mannen.

2. “Ik maak me vaak zorgen over de kinderen, terwijl hij altijd zegt dat het wel goed komt. Soms denk ik wel eens dat het hem minder kan schelen hoe het met hen gaat.”

Voor vrouwen is het moeilijk bij dreigend gevaar hun bangheid te onderdrukken. Vrouwelijke hersenen zijn namelijk gevoeliger voor stress en angst dan mannelijke. Vandaar ook dat vrouwen gemiddeld vier keer zo bezorgd zijn als mannen, vooral als het om hun kinderen gaat. Daar komt bij dat vaders van nature meer geneigd zijn om op afstand te blijven. Ze zeggen eerder: ‘doe het zelf maar’, of ‘mijn hulp heb je niet nodig, dat kun je prima’. Zo stimuleren ze hun kinderen om zelfstandig te zijn. Dat betekent niet dat ze minder om hun kinderen geven – integendeel. Onafhankelijkheid is voor een man een groot goed. Door zijn kinderen die te leren geeft hij hen iets (voor hem) zeer waardevols mee.

3. “Soms hoeft mijn vriend alleen maar naar me te kijken om opgewonden raken. Bij mij is dat niet zo simpel; ik heb veel meer tijd en stimulans nodig.”

Het gebied in de hersenen die zich met seks bezig houdt is bij mannen twee keer zo groot als bij vrouwen. Hij is dus écht meer met seks bezig dan zij. Bovendien bezitten mannen wel tien tot honderd keer meer testosteron – de brandstof die de seksuele motor (bij zowel mannen als vrouwen) aandrijft. Een ander belangrijk en opvallend verschil is dat vrouwen alleen opgewonden kunnen raken als ze eerst het angst- en bezorgdheidcentrum in hun hersenen uitschakelen. Gebeurt dat niet, dan kan gepieker over werk, kinderen of boodschappen de opwinding flink belemmeren. Die ‘extra stap’ in de hersenen verklaart ook waarom vrouwen er gemiddeld drie tot tien keer langer over doen om een orgasme te krijgen dan mannen.

4. “Na een knallende ruzie wil mijn man soms meteen het bed in duiken. Hoe komt hij daarbij! Ik kan dan echt niet lekker vrijen.”

Een vrouw moet in de stemming worden gebracht. Is ze gespannen of boos, dan lukt dat waarschijnlijk niet. Voor vrouwen geldt dat alles wat er het etmaal vóór het vrijen gebeurd is meespeelt bij het wel of niet opgewonden kunnen raken. Bij mannen tellen slechts de laatste drie minuten.  Mannen en vrouwen hechten ook verschillende waarde aan seks. Als zijn vrouw geen zin heeft denkt een man al gauw dat ze niet meer van hem houdt of een affaire heeft. Want geen fysiek verlangen voelen bestaat in zijn wereld gewoon niet.

5. “Na twaalf jaar huwelijk ruim ik nog steeds zijn rommel op. Het lijkt alsof hij de vuile sokken op de vloer gewoon niet ziet.”

Mannen zien, horen, ruiken en proeven minder goed dan vrouwen; hun hersenen staan minder open voor zintuiglijke informatie. Als een man op de bank gaat zitten, is de kans groot dat hij het hondenhaar, de oude kranten of de vieze kopjes niet opmerkt. Zijn hersenen zijn er van nature op ingesteld het grote geheel te overzien, zodat hij op tijd dreigend gevaar kan signaleren. ‘Onbenullige’ details als een paar vieze sokken ziet hij simpelweg niet.

Iets anders dat meespeelt is dat mannen miljoenen jaren lang hun tijd vooral buitenshuis hebben doorgebracht. Hun ‘thuis’ is voor hen daarom gevoelsmatig minder belangrijk dan voor vrouwen, die zich in een rommelig huis heel ellendig kunnen voelen. Met als gevolg dat een man niet snapt dat zijn vrouw na een achturige werkdag meteen gaat stofzuigen. En zij niet begrijpt dat haar man zich lekker kan voelen tussen al die troep.

6. “Als mijn man thuis komt zie ik meteen of hij lekker in zijn vel zit of niet. Andersom is dat helaas niet zo. Als ik me rot voel moet ik hem dat vertellen, anders heeft hij het niet door.”

Vrouwen kunnen zich heel goed in een ander inleven. Dat helpt hen om makkelijk contact te maken en een sterke band met anderen op te bouwen. Bovendien is het nodig om goed voor kinderen te kunnen zorgen. Het vermogen om er ‘voor een ander te zijn’ is letterlijk voorgeprogrammeerd in de vrouwelijke hersenen. Mannen hebben die standaardinstelling niet. In tegenstelling tot wat veel vrouwen denken heeft dat weinig met botheid te maken; zijn hersenen merken subtiele stresssignalen gewoon niet op. Vaak weten mannen pas dat er iets mis is als ze tranen zien. Waarschijnlijk is dat ook de reden dat vrouwen vier keer makkelijker huilen dan mannen.

7. “Ik weet nog precies wat we tijdens onze eerste afspraakje gedaan hebben, wat we aanhadden en wat we hebben gegeten. Maar mijn partner kan zich de datum niet eens herinneren!”

Mannen herinneren zich emotioneel beladen gebeurtenissen – zoals het eerste afspraakje, vakanties en grote ruzies – lang niet zo goed als vrouwen. Dat komt omdat zij er minder belang bij hebben. Herinneringen zijn bedoeld om je zo goed mogelijk voor te bereiden op wat je in de toekomst kan overkomen. Aangezien mannelijke hersenen er van nature op ingesteld zijn om te jagen en de veiligheid te bewaken, onthouden ze vooral dingen die daarvoor belangrijk zijn. Waar ooit een ongeluk langs de snelweg is gebeurd bijvoorbeeld, of waar vorig jaar in het bos een boom op opvallen stond. Kortom: informatie waar je wat aan hebt. Emotionele gebeurtenissen zijn veel minder ‘nuttig’ om op te slaan. Als een man de datum van zijn trouwdag (tijdelijk) vergeet, betekent dat dus niet dat hij minder van zijn vrouw houdt. Zijn hersencircuits zijn simpelweg minder goed in staat die informatie te bewaren. 

8. “Er gaat geen weekend voorbij of mijn man moet zijn auto wassen. Dat ding wordt vertroeteld alsof het zijn kindje is. Wat is het toch met mannen en hun wagens?”

Zoals een vrouw liefdevol voor het interieur van haar huis kan zorgen, zo kan een man dat voor zijn auto (of motor, of boot). Voertuigen staan voor vrijheid en macht – dingen waar hij zijn eigenwaarde aan ontleent – en spreken de mannelijke hersenen daarom enorm aan. Om dezelfde reden gaan mannen graag zomaar ‘een stukje rijden’, een gewoonte waar de meeste vrouwen niets van begrijpen.

9. “Mijn man maakt altijd grapjes over dat ik zoveel praat. Zou het niet fijn zijn als ik een deel van al die woorden aan hem kon geven…. Dan zou ik misschien beter begrijpen wat hij denkt!”

Als een vrouw met iemand praat worden er hormonen in haar hersenen aangemaakt die haar een goed gevoel geven. En niet zo maar een goed gevoel: na een orgasme is al pratend gevoelens delen het prettigste voor een vrouw wat er is! Niet verwonderlijk dus dat een vrouw gemiddeld 20.000 woorden per dag gebruikt en een man slechts 7.000.

Door veel te delen, te laten zien dat ze geïnteresseerd is en dat ze anderen begrijpt maakt een vrouw de beste kans op een goede relatie – evolutionair gezien een voorwaarde voor een lang en gezond leven. Een man daarentegen heeft helemaal geen belang bij eindeloze gesprekken. Sterker nog, veel praten – vooral over gevoelens! – maakt hem (naar zijn idee) alleen maar kwetsbaar. In zijn belevingswereld is het kortom veiliger om te zwijgen. 

Begrijp elkaar

Natuurlijk zijn andere hersenen geen vrijbrief voor mannen om altijd hun rotzooi te laten slingeren. En uiteraard hebben lang niet alle vrouwen moeite met ruzie maken. Er zijn ‘vrouwelijke’ mannen die ervan genieten om elke dag voor hun partner te koken. En ‘mannelijke’ vrouwen die het heerlijk vinden om onafhankelijk van wie dan ook door het leven te gaan. Maar dat er grote verschillen zijn in hoe mannelijke en vrouwelijke hersenen werken valt niet te ontkennen. Door dat te begrijpen, en de verschillen over en weer te respecteren, wordt het leven een stuk aangenamer. 

<Kader: Meer lezen?>

  • Louann Brizendine, De vrouwelijke hersenen – Waarom vrouwen anders zijn dan mannen (Uitgeverij Sirene, 2007), ISBN 978-90-5831-434-5.
  • Michael Gurian, Wat vrouwen willen en mannen niet willen weten, (The house of books, 2004), 978-90-4430-917-8.
  • Susan Pinker, De sekseparadox – Mannen, vrouwen en hun kansen op succes (Uitgeverij Contact, 2008), ISBN 978-90-2542-863-1.
  • Warren Farrell, Wat mannen niet zeggen kunnen vrouwen niet horen (The house of books, 2001), 978-90-4430-144-1.
  • Desanne van Brederode e.a., Zij denkt dus zij bestaat – Over vrouwen, mannen en denken (Uitgeverij Ambo, 2008), ISBN 978-90-2632-132-0.
  • Hans Kaldenbach, Het lijkt wel of ze gevoel hebben – 99 tips voor het omgaan met mannen (Uitgeverij Prometheus, 1998), ISBN 978-90-5333-603-8.
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: