HOE ZIT HET EIGENLIJK MET ANTIBIOTICA?

24 Mrt

Gepubliceerd in Margriet, nr. 9 2012

Antibiotica behoren tot de meest voorgeschreven medicijnen ter wereld. Maar hoe meer antibiotica we met z’n allen gebruiken, des te groter de kans dat ze straks niet meer werken.

 

De laatste tijd worden we regelmatig opgeschrikt door allerlei horrorverhalen over superbacteriën. Zo moesten in het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam zeker drie patiënten een besmetting met de Klebsiëllabacterie met de dood bekopen. In Duitsland overleden vorig jaar nog meer mensen door een besmetting met de EHEC-bacterie.

Normaal gesproken worden zulke gevaarlijke bacteriën met antibiotica bestreden. Maar steeds vaker blijken bacteriën ongevoelig – oftewel: resistent – voor deze medicijnen.

Het bekendste antibioticum is penicilline (maar er zijn er veel meer). Het werd ontdekt in 1928. Tot dan stierven er elk jaar talloze mensen aan allerlei infecties. Voor iemand met weinig natuurlijke weerstand kon zelfs een blaasontsteking al fataal zijn. Dankzij de uitvinding van penicilline lukte het voor het eerst om patiënten van zulke infecties te genezen. Het middel heeft wereldwijd letterlijk miljoenen levens gered. Vandaar dat penicilline wordt gezien als het belangrijkste medicijn van de 20ste eeuw, en dat artsen zich nu zo’n zorgen maken over resistente bacteriën.

 

Hoe kan het dat bacteriën ongevoelig worden voor antibiotica?

Bacteriën zijn erop uit om zo lang mogelijk te overleven. Als een antibioticum ze te lijf gaat, beginnen ze een tegenaanval. Ze wapenen zich bijvoorbeeld door het medicijn uit de cel te pompen of door het uit te schakelen of af te breken. Ook kunnen bacteriën zichzelf van nature zo veranderen, dat ze het antibioticum helemaal buiten de deur weten te houden. In het slechtste geval reageren ze helemaal niet meer op het antibioticum. De bacterie is dan resistent. Dat maakt hem lastiger om te bestrijden.

 

Tegen welke ziekten worden antibiotica allemaal gebruikt?

Tegen ernstige infecties. De meeste infecties (zoals een verkoudheid en de griep) worden veroorzaakt door virussen. Daar helpt antibiotica niet tegen. Wel tegen bacteriële infecties.

Ieder mens draagt miljoenen bacteriën bij zich. De meeste daarvan doen heel goed werk. In je darmen helpen ze bijvoorbeeld het voedsel te verteren, en op je huid houden ze schadelijke indringers tegen. Maar bacteriën kunnen soms ook infecties veroorzaken, zoals een blaasontsteking, een longontsteking of een maagzweer.

Het afweersysteem van het lichaam ruimt veel (onschuldige) bacteriële infecties direct op. Die gaan dus vanzelf over. Als dat niet goed lukt en de infectie verergert, kunnen antibiotica uitkomst bieden. Dat zijn medicijnen die bacteriën doden of de groei ervan afremmen, zodat het lichaam de boosdoeners weer zelf aankan. Bij ernstige infecties zoals een zware longontsteking, een hersenvliesontsteking of bloedvergiftiging zijn antibiotica onmisbaar.

 

Waarom komen er steeds meer resistente bacteriën?

In Nederland schrijven artsen antibiotica alleen voor als het echt nodig is. Maar in andere delen van de wereld, zoals Zuid- en Oost-Europa en Azië, geven dokters veel makkelijker antibiotica dan hier. De middelen zijn daar vaak zelfs zonder recept te koop. Hoe vaker een bepaald antibioticum wordt gebruikt, hoe meer kans een bacterie krijgt om een barricade tegen het middel op te werpen. Het gevolg is dat steeds meer bacteriën totaal ongevoelig worden voor antibiotica. Bekende voorbeelden van zulke ‘multiresistente’ bacteriën zijn de E-coli-bacterie en de MRSA-bacterie (ook wel ‘ziekenhuisbacterie’ genoemd).

 

Moeten we ons daar zorgen om maken?

Het resistent worden van bacteriën is een gevaarlijke ontwikkeling. In het ergste geval kan het betekenen dat er over een aantal jaren helemaal niets meer is te doen aan bacteriële infecties. Zo ver is het gelukkig nog lang niet. Onder andere de Nederlandse regering, de Europese Unie en de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) hebben de noodklok geluid. Samen werken ze er hard aan om het gebruik van antibiotica terug te dringen. Verder investeren ze veel geld in het ontwikkelen van nieuwe antibiotica, waar bacteriën nog niet resistent tegen zijn.

 

Klopt het dat je door het eten van vlees ongevoelig kunt worden voor bepaalde antibiotica?

Ja. Antibiotica werken niet alleen bij mensen, maar ook bij dieren. Vooral in de intensieve veelteelt maken boeren daar graag en veel gebruik van. Zo was het jarenlang de gewoonte om kuikens standaard uit voorzorg antibiotica te geven, om te voorkomen dat ze ziek zouden worden. Op die manier zijn heel veel bacteriën resistent geworden.

Door het eten van vlees kunnen mensen die resistente bacteriën ook binnenkrijgen. Gelukkig kan dat meestal geen kwaad. Zolang je verder gezond bent, zal die bacterie zich namelijk meestal niet tot een infectie ontwikkelen. Gebeurt dat toch, dan is de bestrijding daarvan een stuk lastiger. Om meer problemen te voorkomen heeft het vorige kabinet besloten dat het gebruik van antibiotica in de veeteelt in 2013 met de helft moet zijn verminderd ten opzichte van 2009.

 

Kun je zelf iets doen om resistentie tegen te gaan?

De enige manier om ervoor te zorgen dat bacteriën gevoelig blijven voor antibiotica is door heel zorgvuldig te zijn met het gebruik. Daar kun je zelf aan meewerken door:

  • een antibioticumkuur altijd af te maken, ook als je geen klachten meer hebt. Doe je dat niet, dan blijven er mogelijk restjes bacteriën achter die resistent kunnen worden.
  • nooit zonder recept (bijvoorbeeld via internet) antibiotica te kopen. Gebruik ze alleen op voorschrift van je dokter.
  • de medicatie in te nemen op de voorgeschreven tijden. Op die manier is er altijd  een juiste dosis antibioticum in je lichaam aanwezig.
  • nooit zelf de dosering aan te passen, bijvoorbeeld omdat je last hebt van bijwerkingen. Overleg daarover altijd met je dokter.
  • geen restjes antibiotica te bewaren voor ‘een volgende keer’.
  • eventueel overgebleven medicijnen niet bij het vuil te gooien of door het toilet te spoelen. Lever ze in plaats daarvan in bij de apotheek.
  • in het buitenland geen antibiotica te gebruiken die je zonder recept kunt kopen.

 

Hoe zit het met de bijwerkingen van antibiotica?

Normaal is er in het lichaam een balans tussen schimmels en goede bacteriën. Maar omdat antibiotica ook goede bacteriën aanvalt, kunnen schimmels tijdens een antibioticumkuur de overhand krijgen en schimmelinfecties veroorzaken. Die komen vooral in de mond of de vagina voor. Verder kan een verstoring van het bacterie-evenwicht in de darmen kan voor diarree zorgen. Gelukkig zijn beide kwalen goed te behandelen.

 

Je hoort vaak dat antibiotica de pil onbetrouwbaar maken. Klopt dat?

Dat werd lang gedacht, maar in de praktijk blijkt dat niet zo te zijn. Overigens zijn er wel andere medicijnen waarvan de werking in combinatie met een antibioticum vermindert of juist toeneemt. Sommige middelen tegen maagzuur bijvoorbeeld, of tegen een te hoog cholesterol. Raadpleeg als je meerdere medicijnen tegelijk gebruikt daarom altijd eerst de bijsluiter. Of vraag advies aan je apotheker.

 

Met medewerking van Annemieke Horikx, apotheker bij het Geneesmiddel Informatie Centrum van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP).

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: