BOEZEMFIBRILLEREN: “MIJN HART SLOEG OP HOL EN HAALDE MIJN LEVEN OVERHOOP”

26 Okt

 Gepubliceerd in Plus Gezondheid, oktober 2012

Je zit rustig op de bank en opeens raakt je hart van slag. Om je rot te schrikken! Grote kans dat het een aanval van boezemfibrilleren is. 300.000 Nederlanders lijden aan deze vorm van een hartritmestoornis. Een patiënt vertelt, een specialist geeft commentaar.

Hartpatiënt Wiebe Visser: “Alsof mijn hart op hol sloeg: zo voelde het die eerste keer in 2004. Ik heb negentien jaar op een ambulance gereden, dus ik herkende het meteen als een onregelmatig hartritme. Stress, dacht ik, en: het gaat wel weer over. Maar na dat eerste aanvalletje gebeurde het snel weer.”

Cardioloog Lukas Dekker van het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven: ” Zo’n 300.000 Nederlanders hebben last van boezemfibrilleren. Dat is een hartritmestoornis, waarbij de boezems van het hart heel snel en ongecontroleerd samentrekken. De polsslag kan dan oplopen naar 150 à 200 slagen per minuut, ongeveer twee keer zoveel als normaal.

Meneer Visser was relatief jong toen hij last kreeg van boezemfibrilleren. Driekwart van de patiënten is namelijk 65 of ouder. Van de 65-plussers lijdt 1 op de 20 aan boezemfibrilleren. Bij mensen van 80 zelfs 1 op de 10. Onder andere door de vergrijzing zal het totaal aantal patiënten met boezemfibrilleren in 2050 stijgen tot één miljoen.”

Wiebe Visser: “Na een week ben ik naar mijn huisarts gestapt. Die maakte een hartfilmpje en constateerde: boezemfibrilleren. Dat verbaasde me niets, want mijn beide ouders hadden het ook. Verder bleek mijn bloeddruk te hoog. De huisarts gaf me medicijnen om het hartritme te herstellen en de bloeddruk te verlagen. Helaas haalden die niets uit; ik bleef veel last houden. Na zes weken heb ik me daarom naar het ziekenhuis laten doorverwijzen.”

Lukas Dekker: “Boezemfibrilleren kan allerlei oorzaken hebben. De meest voorkomende zijn een erfelijke aanleg en een hoge bloeddruk, zoals bij meneer Visser. Achterliggende hartproblemen, aderverkalking, een te snel werkende schildklier, slaapapneu, serieus overgewicht, roken en overmatig alcoholgebruik vergroten het risico op boezemfibrilleren eveneens. In veel gevallen is het ook gewoon een kwestie van leeftijd, oftewel veroudering van het hart.

Boezemfibrilleren begint meestal aanvalsgewijs: de klachten komen op en verdwijnen vanzelf weer. Soms duurt dat een paar minuten, soms een uur of een dag. In de loop van de tijd komen de aanvallen vaker terug en/of duren ze langer. Bij meneer Visser was dat bijna direct het geval, maar dat is uitzonderlijk. Uiteindelijk kan het boezemfibrilleren chronisch worden. Dan is er constant sprake van een verstoord en versneld hartritme.

Als je bezorgd bent vanwege een aanhoudende, te snelle en onregelmatige hartslag, is het verstandig om naar de huisarts te gaan. Dus óók als de klachten vanzelf weer weggegaan. Weliswaar blijft een hart dat onregelmatig slaat gewoon zijn werk doen – je hoeft je niet bang te zijn voor een hartaanval – maar omdat het bloed tijdens het boezemfibrilleren minder goed door de boezems stroomt, kunnen er wel bloedpropjes ontstaan. Via de bloedbaan kunnen die bijvoorbeeld in de hersenen terechtkomen en daar een beroerte veroorzaken. Om dat te voorkomen slikken veel patiënten antistollingsmiddelen, zogenaamde vitamine-K-antagonisten. Die verdunnen het bloed en verlagen de kans op een beroerte met 60 tot 80%.”

Wiebe Visser: “De cardioloog in het Zaans Medisch Centrum schreef me andere medicijnen voor, maar ook deden weinig. Ondertussen ging ik me steeds zieker voelen. Ik was constant benauwd, lamlendig en moe. Zelfs de gewoonste dingen, zoals traplopen of stofzuigen, werden moeilijk. Ook geestelijk begon het zijn tol te eisen. Ik voelde me een oud wrak dat niet meer volwaardig aan het leven kon meedoen.”

Lukas Dekker: “Veel mensen met boezemfibrilleren krijgen last van heftige hartkloppingen en een opgejaagd gevoel. Ook duizeligheid, vermoeidheid en kortademigheid komen voor. Dat kan een enorme impact op je leven hebben, zoals meneer Visser beschrijft. Patiënten kunnen fysiek steeds minder. Bovendien worden ze soms heel bang. Ze durven daardoor bijvoorbeeld niet meer te sporten of op vakantie te gaan, uit vrees dat er iets fout gaat met hun hart of dat ze niet op tijd hulp zullen krijgen. Overigens merkt ongeveer een derde van de mensen met boezemfibrilleren daar niets van. Bij hen wordt de het probleem vaak toevallig ontdekt.”

Wiebe Visser: “Het boezemfibrilleren was bij mij al te ver gevorderd om met medicijn in toom te houden. Het enige wat nog hielp was een cardioversie: een elektrische schok die in het ziekenhuis wordt toegediend om het hartritme weer in het gareel te krijgen. Dat werkte steeds even, maar vaak was het probleem na een paar dagen alweer terug. Op een gegeven moment zat ik drie keer per week in het ziekenhuis. Ik vond dat geen leven. Vandaar dat ik na anderhalf jaar heb besloten om me te laten opereren in het AMC Amsterdam. Er was een aantal ingrepen nodig om mijn klachten te verhelpen. Uiteindelijk is er een pacemaker geplaatst om mijn hartritme over te nemen. Het boezemfibrilleren is er nog steeds, maar ik heb er nu geen last meer van.”

Lukas Dekker: “In eerste instantie proberen we boezemfibrilleren op te lossen met een combinatie van medicijnen. Er zijn middelen die de hartslag verlagen, zoals bètablokkers en digoxine, en middelen die het hartritme weer regelmatig maken, anti-aritmica zoals tambocor en amiodarone.

Helaas is het effect van deze medicijnen vaak beperkt, of slechts tijdelijk. Dan is een ingreep nodig.  De meest gangbare is een katheterablatie. Deze techniek heeft zich sinds meneer Visser in 2005 werd geopereerd enorm ontwikkeld. Een gespecialiseerde cardioloog brengt via de lies een dun buisje in het hart en schakelt daar de stukjes weefsel uit die de ritmeproblemen veroorzaken. Vaak lukt dat in één keer, soms is er een tweede ablatie nodig. 90% van de patiënten is daarmee helemaal van zijn klachten af.

Sinds kort weten we dat, hoe eerder je een katheterablatie uitvoert, hoe groter de kans op succes. Dat komt omdat in de loop van de tijd het weefsel door boezemfibrilleren verandert, waardoor er nog makkelijker boezemfibrilleren kan ontstaan. Vandaar dat voor mensen bij wie een anti-aritmicum medicijn niet werkt, katheterablatie inmiddels de voorkeursbehandeling is. Juist ook in een vroeg stadium, als iemand nog aanvalsgewijze klachten heeft.

Ook meneer Visser heeft twee keer een ablatie gehad, maar hij behoorde tot de 10% bij wie dat niet hielp. Waarschijnlijk kwam dat omdat het boezemfibrilleren bij hem chronisch was geworden. Bovendien leed hij aan achterliggende hartproblemen. Uiteindelijk bood een ander soort ingreep voor hem gelukkig wel uitkomst.”

Wiebe Visser: “Na de operatie voelde ik me direct beter. Mijn conditie is nooit meer helemaal de oude geworden, maar het zit niet in me om het rustig aan te doen. Ik werk dus weer 24 uur in de week en doe twee keer per week aan cardiofitness. Simpel gezegd voel ik me weer een volwaardig mens.

Omdat het boezemfibrilleren echt niet weg is, slik ik nog wel antistollingsmiddelen. Lastig is dat de waarden daarvan in je bloed nogal kunnen schommelen. In het begin ging ik elke twee à drie weken naar de trombosedienst om mijn bloedwaarden laten checken, maar sinds een paar jaar doe ik doe controles zelf thuis. Geweldig, zoveel vrijheid als dat geeft! Het prikapparaatje gaat gewoon mee op vakantie. Bij de trombosedienst, waar ik voor het zelfprikken ben getraind, hoef ik nu nog maar twee keer per jaar op controle te komen.”

Lukas Dekker: “Niet alle mensen met boezemfibrilleren hoeven antistollingsmiddelen te gebruiken; dat hangt onder andere af van de oorzaak van de kwaal. Maar als het wel moet, is het fijn dat je het op een manier kunt regelen die het beste bij jou past. De thuismeting die meneer Visser gebruikt is dan ook een geweldige uitvinding.

Sinds een paar jaar is er bovendien een heel  nieuw soort antistollingsmiddelen op de markt, dabigatran (merknaam: Pradaxa) en rivaroxaban (merknaam: Xarelto). Ze verdunnen het bloed gelijkmatiger dan vitamine-K-antagonisten en zijn dus stabieler. Het grote voordeel is dat patiënten daarmee niet langer periodiek hun bloed hoeven te (laten) controleren. Dat geeft hen veel vrijheid. Uitgebreid wetenschappelijk onderzoek heeft laten zien dat, als het gaat om bescherming tegen beroertes en bloedingscomplicaties, deze nieuwe middelen minstens net zo goed zijn als de vitamine-K-antagonisten. Op dit moment worden ze nog niet standaard voorgeschreven, omdat de ervaring ermee beperkt is. Maar het gebruik zal de komende jaren vast snel toenemen.”

Wiebe Visser: “Het heeft tijd gekost om te accepteren dat ik niet meer alles kan. Ik heb daar een paar keer met een psycholoog over gepraat, dat heeft me erg geholpen. Een paar jaar geleden had ik de moed al bijna opgegeven, maar nu geniet ik weer volop van het leven. Zolang mijn pacemaker zijn werk doet, ga ik lekker door.”

Lukas Dekker: “Het aantal mensen met boezemfibrilleren neemt snel toe, maar de mogelijkheden om dat goed te behandelen gelukkig ook. Er wordt hard gewerkt aan nieuwe medicijnen die minder bijwerkingen geven. De ablatietechniek wordt steeds beter, waardoor we nog preciezer kunnen werken en de ingreep minder lang duurt. Helpt ablatie onverhoopt toch niet, dan heeft de hartchirurg steeds meer mogelijkheden tot zijn beschikking om het probleem met een operatie te verhelpen. Kortom: er is geen enkele reden om te denken dat je maar met boezemfibrilleren moet leren leven. Zelfs niet als je heel oud bent.”

[Kader met foto]

Lukas Dekker

Dr. Lukas Dekker is cardioloog en elektrofysioloog, gespecialiseerd in boezemfibrilleren, in het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven. Hij heeft bij honderden patiënten met boezemfibrilleren een katheterablatie uitgevoerd. Eerder dit jaar deed hij via het sociale medium Twitter live verslag van zo’n ingreep. Zie www.dialoog.skipr.nl/evolutieindezorg/. Via deze site kunt u ook medische vragen over hartritmestoornissen aan Lukas Dekker stellen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: