WELK TYPE PILLENSLIKKER BENT U?

22 Mrt

005006

Gepubliceerd in Plus Magazine, april 2013. 

De een vertrouwt blind op het voorschrift van de dokter. De ander checkt nauwgezet alle bestandsmiddelen van een voorgeschreven middel. In welk type herkent u zich? En hoe kunt u (nog) beter met uw medicijnen omgaan?

30 tot 50% van de mensen die medicijnen nodig hebben, nemen die niet (altijd) zoals bedoeld. Ze slaan bijvoorbeeld af en toe een pil over of passen zonder overleg de dosering aan. Anderen gebruiken de middelen langer dan nodig, of stoppen er juist voortijdig mee. Soms is er een praktisch probleem: de pillen zijn te groot of worden steeds vergeten. Maar persoonlijke opvattingen over medicijngebruik spelen vaak een minstens even grote rol. Uit onderzoek van apothekers blijkt dat er vier types medicijngebruikers zijn. In welk herkent u zichzelf?

De struisvogel

Wat denkt hij?

“Zo’n vaart zal het allemaal vast niet lopen. De dokter kan wel zeggen dat ik pillen moet slikken, maar ik heb nergens last van. Ik neem mijn medicijnen als ik er aan denk. Echt niet altijd, nee. Dat zeg ik trouwens niet tegen mijn arts. De goede man heeft het beste met me voor; ik wil hem niet teleurstellen.”

Hoe zit dat?

Medicijnen herinneren je eraan dat je ziek bent, of dat je lichaam niet zo werkt als het zou moeten. Sommige mensen willen daar liever niet bij stilstaan. Omdat ze (onbewust) erg bang zijn voor de dood. Of omdat ze niet als patiënt willen worden gezien. Best begrijpelijk, want zieke mensen worden in onze maatschappij helaas nogal eens als ‘uitgerangeerd’ beschouwd. Om zich daaraan te onttrekken, veinzen ze onverschilligheid.

Denk hier eens over:

U bent zeker niet de enige die zijn kop in het zand steekt; angst voor ziek zijn is de normaalste zaak van de wereld. Maar sommige medicijnen werken minder goed als u ze onregelmatig inneemt. Een keer een cholesterolverlager overslaan is meestal geen drama, maar wisselend gebruik van bijvoorbeeld bloeddrukverlagers kan tot (gevaarlijke) schommelingen in bloeddruk en hartritme leiden. Pas daarom nooit zonder overleg met uw behandelaar de dosering aan.

Sommige geneesmiddelen werken vooral preventief; je merkt er niet direct iets van. Dat maakt het extra lastig om uzelf te motiveren om ze goed in te nemen. Laat uw arts u dan (nog eens) uitleggen waarom dat toch belangrijk is. Schroom vooral niet om uw twijfels en onzekerheden met hem of uw apotheker te bespreken. Daar zijn ze immers voor.

De twijfelaar

Wat denkt hij?

“Begrijp me goed, ik wil dolgraag van mijn klachten af. Maar eigenlijk vind ik dat mijn lijf die zelf moet oplossen, zonder pillen. Bovendien weet ik niet of ik al die onnatuurlijke rommel wel in mijn lichaam wil. Zeker nu ik de bijsluiter heb gelezen. Weet je wel hoeveel bijwerkingen dit middel heeft!”

Hoe zit dat?

Sommige mensen zien het gebruik van geneesmiddelen als een teken van zwakte. Dat hoort een beetje bij onze Calvinistische cultuur. Als je voorbestemd bent om ziek te worden, moet je lichaam zichzelf maar herstellen, denken ze. Het idee dat vreemde stoffen van alles in je lichaam teweeg brengen waar je geen invloed op hebt, is dan extra beangstigend.

Denk hier eens over:

Het lichaam is niet onfeilbaar. Veel schade herstelt zich vanzelf, maar soms heeft uw lijf daarbij een beetje hulp van buiten nodig. Van medicijnen bijvoorbeeld. Veel geneesmiddelen bevatten een mix van natuurlijke en chemische stoffen, die elk hun eigen werking hebben. Datzelfde geldt trouwens voor etenswaren. Neem (het natuurlijke) cafeïne in koffie en thee. Dat heeft direct invloed op de werking van bijvoorbeeld de hersenen en de darmen. Zo hard is het onderscheid tussen natuurlijk en onnatuurlijk dus niet.

Wat betreft mogelijke bijwerkingen: medicijnfabrikanten zijn wettelijk verplicht alle bijwerkingen die ooit zijn voorgekomen op de bijsluiter te vermelden. Hele waslijsten zijn dat vaak. Logisch dat u daar zenuwachtig van wordt. Maar meestal is de kans erop heel klein. Vraag uw huisarts of apotheker hoe groot het risico is op verschillende bijwerkingen en wat u moet doen als u daar last van krijgt. Op apotheek.nl en lareb.nl vindt u hier meer informatie over.

De op-safe-speler  

Wat denkt hij?

“Ik slik nu vijf jaar bloeddrukverlagers en antidepressiva. Daar ben ik mee begonnen na mijn scheiding. Van de stress kwam ik vijftien kilo aan. Mijn bloeddruk schoot omhoog. Ik zag het echt niet meer zitten. Al die jaren heb ik nooit één pil overgeslagen. Ik vind het een prettige gedachte, zo’n steuntje in de rug. Bovendien, de dokter heeft nooit gezegd dat ik ermee moet stoppen. Dus zal ik ze nog wel nodig hebben, toch?”

Hoe zit dat?

Een hoge bloeddruk, een depressie of een andere ziekte: je lichaam laat je onverwacht in de steek. Dat zorgt voor een machteloos gevoel. Medicijnen kunnen niet alleen helpen om het probleem op te lossen of te verminderen; ze geven je ook het idee dat je weer een beetje controle over de situatie hebt. Dat werkt geruststellend.

Denk hier eens over:

Prima dat u zich goed aan het voorschrift houdt. Maar vergeet niet af en toe na te gaan of u alle medicijnen nog echt nodig heeft. Bent u bijvoorbeeld flink afgevallen of beweegt u meer, dan is de kans groot dat uw lichaam uw hoge bloeddruk of cholesterol zelf al heeft hersteld. Ook voor andere medicijnen is het zinvol om bijvoorbeeld eens per jaar met de dokter te bespreken of u ze moet blijven gebruiken.

De criticus

Wat denkt hij?

“Ketsjing! Ik hoor de kassa’s van de pillendraaiers alweer rinkelen. Het is één grote maffiabende, die medicijnindustrie. Je maakt mij niet wijs dat het echt nodig is om de rest van mijn leven zo’n pilletje te nemen. Ze zeggen dat gewoon om meer geld te verdienen. En trouwens, ik geloof toch niet dat die pillen werken. Kijk maar op internet, dan lees je alleen maar verhalen van mensen die er meer last dan baat bij hebben.”

Hoe zit dat?

Mensen die sceptisch zijn over medicijngebruik hebben daar (in hun ogen) goede redenen voor. Ze hebben bijvoorbeeld gehoord over enorme winsten van medicijnfabrikanten, of ze kennen mensen die nare ervaringen met geneesmiddelen hebben gehad. Bovendien vinden ze het vaak moeilijk om hun dokter met zijn boekenkennis te vertrouwen.

Denk hier eens over:

U heeft groot gelijk dat u kritisch bent. Het klopt dat bijna geen één geneesmiddel bij iedereen 100% doeltreffend is. Ook de bijwerkingen verschillen van persoon tot persoon. Maar u kunt er wel van op aan dat de medicijnen die de dokter u voorschrijft kwalitatief goed zijn. In Nederland wordt daar heel streng op toegezien. Alleen als de werking in verschillende onafhankelijke onderzoeken is aangetoond, komt het op de markt. Wilt u weten hoe dat proces in zijn werk gaat, kijk dan eens op de website van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen: cbg-meb.nl. Als u twijfelt u over het nut van het voorschrift van uw dokter, kunt u altijd bij uw apotheker of bij een andere arts een second opinion vragen.
Met medewerking van prof. dr. Marcel Bouvy, hoogleraar farmaceutische patiëntenzorg aan de Universiteit Utrecht en prof. dr. Arie Dijkstra, hoogleraar gezondheidspsychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. 

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: