AANPAK OVERGEWICHT KINDEREN WERKT

2 Dec

media_xl_1974015

© Jean-Pierre Jans http://www.jeanpierrejans.nl

Gepubliceerd in Het Parool, 30 november 2013

Veel Amsterdamse kinderen zijn te dik – op dat punt scoort de stad slechter dan het landelijk gemiddelde. Er blijkt wat aan te doen. Terug naar één Cornetto en één miniblikje maïs per week. 

“Je mag niet zitten!” Resoluut trekt Leroy Flantua het meisje dat in de hoek van de gymzaal even zit uit te puffen van de bank. Met zijn 5 jaar mag hij dan de jongste deelnemer zijn aan de sportlessen van Vet Fitte Kids, de boodschap van het programma heeft hij al prima tussen de oren. Bewegen moeten ze, het liefst de hele dag door. Vol enthousiasme gaat hij de andere kinderen – in leeftijd variërend van 6 tot 12 jaar en allemaal met overgewicht – in het parcours voor. Handstand, koprol, slingeren in de touwen, klimmen in het wandrek, via een trampoline over een kast springen; Leroy kan er geen genoeg van krijgen. “Twee maanden geleden had hij vanwege zijn buikje nog een broek met een elastieken band”, vertelt moeder Desiree Schaasberg. “Nu kan hij weer gewone broeken aan. Tegenwoordig heeft hij zelfs een riem nodig!”

Zielig

De cijfers liegen er niet om. Van de Amsterdamse kinderen en jongeren (5 tot 19 jaar) is 22% te zwaar, tegenover 15% landelijk, zo blijkt uit gegevens van de GGD. De gevolgen zijn groot, van pesten en psychische klachten tot extra risico op (later) diabetes, hart- en vaatziekten en kanker. Overigens is het probleem niet overal in de stad even nijpend: in Noord, Nieuw-West en Zuidoost zijn veel meer kinderen met overgewicht dan in Oost, Centrum en Zuid. Dat heeft onder andere te maken met de sociaaleconomische status van de bewoners. Simpel gezegd: hoe lager opgeleid en hoe armer de ouders, hoe groter de kans op kinderen met overgewicht. Verder speelt afkomst een belangrijke rol. Van de autochtone kinderen tussen de 5 en de 19 is ‘maar’ ruim 12% te zwaar. Vooral bij Turkse en Marokkaanse kinderen ligt dat aantal veel hoger (zie kader).

“Het is een combinatie van kennis, cultuur en omgeving die voor overgewicht bij kinderen zorgt”, verklaart wethouder Zorg en Welzijn Eric van der Burg. “Ouders weten vaak simpelweg niet dat er zo veel suiker in fruitsap zit, of dat niet ontbijten de kans op overgewicht flink vergroot. Ze vinden het zielig om hun kinderen kleinere porties te geven, of ze zoetigheid te onthouden. En stadse kinderen gaan minder vaak op de fiets naar school, en spelen minder buiten.”

Van der Burg heeft het tot zijn missie gemaakt om het overgewicht van Amsterdamse kinderen in 2033 op of onder het landelijk gemiddelde te krijgen. “We zijn op de goede weg”, meent hij. “Uit recente trendcijfers van de GGD Amsterdam blijkt dat het overgewicht ten opzichte van 2009 licht is gedaald. Maar om blijvend iets te veranderen is veel meer nodig. Zo gaan we het gewicht van alle kinderen die vanaf dit jaar worden geboren strak in de gaten houden. We investeren in aantrekkelijker schoolpleinen en meer waterfonteintjes in de stad, en we hebben afspraken gemaakt met twintig zorg- en welzijnsorganisaties en verzekeraar Achmea om de hulpverlening op dit terrein beter op elkaar af te stemmen.”

Actieplan

In 2013 en 2014 ligt de focus van de gemeente op het bestrijden en voorkomen van overgewicht bij basisschoolkinderen. Bijvoorbeeld door middel van het programma Vet Fitte Kids, dat fysiotherapiepraktijk MCN al geruime tijd voor basisschoolkinderen met (ernstig) overgewicht in Amsterdam-Noord organiseert. Geen overbodige luxe in een stadsdeel waar één op de vier kinderen te zwaar is. Het programma bestaat uit een naschoolse sportlessen voor de kinderen en voedings- en opvoedadvies voor hun ouders.

Terwijl Leroy en de anderen aan een potje trefbal beginnen, houdt diëtist Cindy Plomp-Lingeman in de kleedkamer naast de gymzaal het ‘S.O. die B.O.F.T.T’-actieplan voor de aanwezige moeders omhoog. De letters staan voor de zaken die ouders zelf kunnen doen om het gewicht van hun kinderen te beïnvloeden. Alle onderwerpen – slapen, opvoeding, beweging, ontbijten, frisdranken, tv-kijken/computeren en tussendoortjes – komen tijdens de tien lessen aan bod. Daarnaast krijgen de ouders individueel voedingsadvies. De opvoedadviseur helpt de ouders op haar beurt om consequent te blijven als kinderen om lekkers blijven zeuren, of weigeren om achter de computer vandaan te komen.

Minimaïs

Leila Ait Sayd merkte anderhalf jaar geleden dat haar dochter Heba (10) plotseling flink begon aan te komen. Na overleg met de huisarts verwees die haar door naar Vet Fitte Kids. Sinds ze zeven weken eerder samen met het programma zijn gestart, is hun eetpatroon flink veranderd. Van Heba, maar ook van de rest van het gezin. “Ik had eigenlijk geen idee hoeveel calorieën er in dingen zaten”, zegt moeder Leila. “Nu kijk ik in de supermarkt altijd op het etiket voor ik iets in mijn karretje doe.” Dochter Heba somt trots de afspraken op die ze met haar moeder heeft gemaakt over tussendoortjes: nog slechts één cornetto en één miniblikje maïs – haar favoriet – per week. “En ik drink alleen maar water”, zegt ze, terwijl ze een vrolijk rondedansje maakt.

‘Vruchtensap en sportdrankjes zijn goed voor kinderen, daar zitten immers veel vitamines in.’ Het is het meest gehoorde misverstand onder ouders, aldus diëtiste Cindy Plomp-Lingeman. “Ze realiseren zich niet dat in een pakje Fristi of vruchtensap evenveel suiker zit als in eenzelfde hoeveelheid cola.” Nu geven de moeders hun kinderen dus water of melk mee naar school. Meestal, tenminste. “Ik blijf het zielig vinden, alleen water”, zegt Leroys moeder Desiree. “Dus af en toe krijgt Leroy toch sinaasappelsap in zijn tas.”

De gemeente betaalt de voedings- en opvoedcursus van Vet Fitte Kids, verzekeraar Achmea (voor hun verzekerden) de beweeglessen en individuele voedingsconsulten. Samen met de mensen van de fysiotherapiepraktijk hebben de twee partijen afgesproken om de resultaten te monitoren. “Ondanks alle inspanningen op dit terrein is nog steeds niet duidelijk welke aanpak voor te zware kinderen het beste werkt”, aldus projectleidster Marlies Stalenhoef van Achmea. “Door dat nu goed te meten, kunnen we ouders en kinderen in de toekomst nog beter helpen.”

Ambassadeurs

Een ander gezond initiatief op basisscholen komt van Jamie Olivers restaurant Fifteen. Daar ervaren ze uit eerste hand dat overgewicht in Amsterdam een groot probleem is. “Veel van de tieners die als leerling bij ons komen werken, zijn te zwaar”, vertelt Sarah Moorman van Fifteen. “Fastfood, witbrood en frisdrank, daar bestaat hun dieet vaak uit. Pas bij ons leren ze hoe ongezond dat eigenlijk is.”

Fifteen wilde graag meehelpen met de aanpak van overgewicht in de stad. In overleg met de gemeente bedacht men het project Fifteens Kookklas, dat wordt gesubsidieerd door zorgverzekeraar Agis. Op negen basisscholen in de ‘zwaarste’ buurten van Amsterdam wordt dit schooljaar een speciale Kookklasweek georganiseerd, met workshops en sportactiviteiten voor kinderen én ouders. Het doel: gezond leven moet stoer worden.

Iedere school draagt twaalf ouders voor als ambassadeur. Zij krijgen workshops, bijvoorbeeld over gezonde snacks en slim inkopen doen. Na afloop van de week zijn er gedurende negen maanden terugkombijeenkomsten voor hen. “In de hoop dat ze niet alleen hun eigen kinderen, maar ook andere ouders op school en in de buurt inspireren om gezonder te gaan leven”, aldus Moorman.

Levensgevaarlijk

Vet Fitte Kids en Fifteens Kookklas zijn slechts twee van tientallen activiteiten in Amsterdam om overgewicht bij kinderen aan te pakken. “De gemeente slaat hierin door, dat maakt kinderen onzeker en werkt contraproductief”, zeiden een gespecialiseerde arts en een diëtist eerder dit jaar in deze krant. De reactie van wethouder Van der Burg is fel. “Het probleem is gigantisch. Tussen de 350 en 1000 Amsterdamse kinderen hebben morbide obesitas. Hun leven is in gevaar als gevolg van hun gewicht. Werken hun ouders niet of onvoldoende mee aan de ondersteuning die we ze bieden, dan wordt Jeugdzorg ingeschakeld. Want morbide obesitas is niets minder dan kindermishandeling.”

[Kader]

De cijfers

  • Van de 218 Amsterdamse scholen zitten er 134 qua gewicht boven het landelijk gemiddelde.
  • Van de 5-jarigen in Amsterdam heeft al 18% overgewicht; bij 14-jarigen is dat opgelopen naar 25%.
  • Ruim 12% van de autochtone kinderen is te zwaar. Van Surinaamse en Antilliaanse kinderen is dat 25%. Marokkaanse en Turkse kinderen springen eruit met respectievelijk 31% en 39%.
  • In Nieuw-West wonen de meeste kinderen met overgewicht (29%), in Centrum het minst (12%).
  • Naar schatting 350 tot 1000 kinderen in Amsterdam hebben levensgevaarlijk overgewicht (morbide obesitas).
  • De aanpak van de gemeente concentreert zich op de zwaarste buurten: Slotermeer, Waterlandpleinbuurt, Bullewijk/Bijlmer Centrum, Indische Buurt en Kolenkit.

Bron: GGD Amsterdam

[Kader]

Hoe weet je of je kind te zwaar is?

Het consultatiebureau houdt het gewicht van kinderen tot 4 jaar in de gaten. Daarna moeten ouders dat voornamelijk zelf doen. Gemakkelijker gezegd dan gedaan, want de rekenmethode voor volwassenen, de BMI (gewicht gedeeld door het kwadraat van de lengte ) is voor kinderen en jongeren niet bruikbaar. Zij groeien nog, waardoor een gezond gewicht mede afhangt van leeftijd en geslacht. Met dat in het achterhoofd heeft TNO de app iGrow ontwikkeld (www.tno.nl/igrow). Na het invoeren van de relevante gegevens kunnen ouders hierop direct zien of hun kind (van 0 tot 10 jaar) op gewicht of te zwaar is. Verder geeft de iGrow-app tips over onder andere gezond eet-, beweeg- en slaapgedrag. Geen smartphone of tablet? Dan zijn op tno.nl onder de zoekterm ‘groeidiagram’ overzichten vinden van een gezond gewicht per leeftijdscategorie.

[Kader]

Wat de gemeente verder doet

Onder het motto ‘GA! Voor gezond gewicht’ zet de gemeente Amsterdam de komende jaren vol in op de aanpak van overgewicht bij kinderen en jongeren. Een greep uit de activiteiten.

  • Er worden verschillende preventieve programma’s opgezet op (voor)scholen en andere plekken waar veel jonge kinderen zijn  om overgewicht te voorkomen.
  • Ouder-kindteams (nu nog JeugdGezondheidsZorg), huisartsen, fysiotherapeuten, diëtisten en andere professionals krijgen een training om overgewicht te signaleren en bespreekbaar te maken, en om naar de juiste instantie door te verwijzen.
  • Er komen meer behandelplekken voor kinderen van 0 tot 12 jaar met (dreigend) overgewicht.
  • Kinderen wiens leven door hun overgewicht ernstig gevaar loopt en hun ouders krijgen zorg en ondersteuning op maat.
  • In Amsterdam Noord, Zuidoost en Nieuw-West komt minimaal één sportvereniging met een specifiek aanbod voor zwaarlijvigen.
  • In de zwaarste buurten wordt een regulier eetspreekuur aan ouders aangeboden.
  • Er zijn achttien extra buurtsportcoaches die onder andere de schoolprogramma’s ondersteunen.
  • De top 25 van zwaarste basisscholen start dit schooljaar met de invoering van een speciaal programma, Jump-In, om kinderen in beweging te krijgen en gezonder te laten eten.
  • In de vijf zwaarste buurten worden minimaal tien schoolpleinen aangelegd van de Johan Cruyff Foundation, om het voor kinderen aantrekkelijker te maken om buiten te spelen.
  • Er zijn 75 watertappunten in de zwaarste buurten geplaatst op plekken waar veel kinderen er gebruik van kunnen maken, zoals bij speelplekken.
  • Per 1 januari 2014 worden tien sportkantines van sportclubs in dan wel dichtbij de zwaarste buurten een gezonde sportkantine.

Meer informatie: www.amsterdam.nl/aanpakgezondgewicht.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: