DELIER: MIS HET NIET!

21 Sep

Foto1

Gepubliceerd op PatientVeilig.nl op 16 september 2014.

In naar schatting 20 tot 50 procent van de gevallen wordt een delier (in eerste instantie) gemist. Schokkend, aldus IG-verzorgende Jolanda van Tunen (52) van zorgorganisatie Omring. Ze besloot die cijfers eigenhandig omlaag te brengen. Leidt het door haar ontwikkelde voorlichtingsmateriaal tot meer alertheid bij collega-zorgverleners? De tooldetective zocht het uit.

Een delier, wat was dat ook alweer?

Plotselinge ernstige verwardheid. Sommige mensen met een delier zijn heel onrustig en angstig, anderen juist teruggetrokken en passief. Vaak hebben ze gedachten die niet kloppen (wanen) en zien, ruiken of horen ze dingen die er niet zijn (hallucinaties). Aan een delier ligt altijd een lichamelijke oorzaak ten grondslag. Veelal een infectie, maar bijvoorbeeld ook een medicijnvergiftiging of ondervoeding kan voor een geestelijke onbalans zorgen die een delier tot gevolg heeft.

Het klinkt vrij gemakkelijk te herkennen.

Dat valt dus tegen. Lang niet alle zorgverleners zijn (goed) bekend met de symptomen van een delier. Die klachten kunnen trouwens ook op andere problemen wijzen, zoals een psychose, dementie of depressie. Bovendien praten cliënten vaak niet over de verschijnselen, uit angst om voor gek te worden verklaard of uit huis te worden geplaatst. Allemaal redenen waarom professionals een delier nogal eens missen.

En dat wil Jolanda van Tunen in haar eentje oplossen?

Nou, ze wil vooral een verandering in beweging zetten. Volgens Jolanda, die al meer dan dertig jaar in de thuiszorg op Texel werkt, was er nauwelijks voorlichtingsmateriaal over delier voor (thuis)zorgmedewerkers. Toen is ze dat onder de noemer Mis ze niet! maar zelf gaan maken. Inmiddels liggen er een protocol, een brochure, een poster en een waarschuwingssticker voor in het zorgdossier. Allemaal bedoeld om de bewustwording bij hulpverleners te vergroten en deliers eerder op te sporen.

Waarom maakt zij zich hier zo hard voor?

Omdat ze maar al te vaak van heel dichtbij heeft gezien hoe ingrijpend en naar een delier kan zijn. Bij cliënten, maar ook bij haar eigen vader.

Protocollen en brochures, zijn dat geen papieren tijgers?

In dit geval niet. Jolanda heeft namelijk ook een workshop ontwikkeld. Inmiddels hebben zij en een collega die aan bijna alle 3500 medewerkers van Omring in de kop van Noord-Holland gegeven. En sinds Omring vorig jaar met haar project de Jenneke van Veen-Verbeterprijs won voor beste kwaliteitsverbetering in de langdurige zorg, is er vanuit de rest van het land ook veel belangstelling voor haar aanpak.

Waar bestaat die concreet uit?

Jolanda heeft simpel op papier gezet wat een delier is, hoe je het herkent en wat je moet doen als je vermoedt dat een cliënt eraan lijdt. Vanuit haar eigen ervaring heeft ze tal van praktijkvoorbeelden toegevoegd, die ze tijdens de workshop bespreekt. Onderdeel van de toolkit is verder de ‘Delier-0-meter’, die een paar jaar geleden door geriater Kees Kalisvaart van het Kennemer Gasthuis in Haarlem is ontwikkeld. Aan de hand van deze simpele checklist kun je als zorgverlener – of mantelzorger – een goede inschatting maken of er sprake kan zijn van een delier en dus of je de huisarts moet inschakelen.

En de sticker?

Die wordt op de kaft van het zorgdossier geplakt als iemand een delier heeft gehad. Hij werkt als waarschuwing voor zorgverleners: let op, dit kan nog een keer gebeuren. Het klinkt kinderlijk eenvoudig, maar soms is de oplossing simpeler dan je denkt.

De hamvraag is natuurlijk: worden deliers bij Omring nu echt eerder opgemerkt?

Daar is geen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Maar volgens de medewerkers zelf wel. Zij geven aan de signalen vroeger te herkennen, en ook dat ze bij twijfel eerder met een huisarts overleggen.

Maakt het voorlichtingsmateriaal ook duidelijk wat het verschil is tussen een delier en bijvoorbeeld dementie?

Juist omdat die twee zo vaak door elkaar worden gehaald, besteedt Jolanda daar uitgebreid aandacht aan. Zo ontwikkelt dementie zich heel geleidelijk en ontstaat een delier plotseling. Verder is iemand met dementie meestal helder, terwijl een delirant verward is. Overigens kunnen de twee ook gelijktijdig vóórkomen.

Tot slot: waarom is het vroeg opsporen van een delier zo belangrijk?

Het doormaken van een delier is voor veel patiënten en hun omgeving een traumatische ervaring. Bovendien kan een niet behandeld delier blijvende hersenschade veroorzaken, bijvoorbeeld als het gaat om geheugen en concentratie. Alle middelen die aan vroege detectie kunnen bijdragen, zijn dus mooi meegenomen, vindt de tooldetective. En als die van onderaf uit de praktijk komen, is het kans op succes des te groter.

[Kader]

Zelf aan de slag?

Het protocol, de Delier-0-meter, de folder en het materiaal voor de workshop van Mis ze niet! zijn gratis te downloaden via de website omring.nl. Wilt u alle materialen bestellen, dan kan dat door een mail te sturen Erica van de Peppel (evandepeppel@omring.nl). Het pakketje met de onder andere de poster en de delierstickers kost 15 euro.

[Kader]

Delier in het ziekenhuis

Deliers komen niet alleen thuis, maar zeker ook in ziekenhuizen veelvuldig voor. Via de website vmszorg.nl van de Vereniging van Ziekenhuizen zijn twee checklists te downloaden om een delier vroegtijdig te herkennen. De DOSS Delirium Observatieschaal is gericht op verpleegkundigen, de Intensive Care Delirium Screening Checklist is bedoeld om een delier op de IC op te sporen. U vindt ze onder het thema Kwetsbare ouderen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: