ALTIJD PIJN

15 Jul

Gepubliceerd in LUMC Magazine, juli 2016. 

Naar schatting één op de vijf Nederlanders worstelt dagelijks met – vaak heel ernstige – pijn. Soms komt hun hele leven daardoor tot stilstand. Toch wordt chronische pijn lang niet altijd serieus genomen. De specialisten van het LUMC werken er hard aan om daar verandering in te brengen.

ALS PIJN EEN EIGEN LEVEN GAAT LEIDEN

Wat is het grootste misverstand over pijn?

“Dat die simpel is op te lossen.” Aan het woord is anesthesioloog dr. Mischa Simon, hoofd van het Pijnbehandelcentrum van het LUMC. “Maar chronische pijn is een heel ingewikkeld, veelomvattend probleem, waar vaak niet één antwoord op te geven is.”

Wat zijn de belangrijkste oorzaken?

“Artrose, hernia of wervelschade, fibromyalgie en zenuwschade. De meeste chronische pijnklachten komen voor in de lage rug, nek, schouders, armen, benen, gewrichten en zenuwen.”

Is het een groot probleem?

“Heel groot. We spreken over chronische pijn als die meer dan drie maanden duurt en langer aanhoudt of zwaarder is dan verwacht, bijvoorbeeld na herstel van een ziekte of een operatie. Tussen de twee en de drie miljoen Nederlanders hebben er dagelijks last van.”

Hoe kan het dat zij niet van de pijn afkomen?

“Acute pijn is een – belangrijke en nuttige – waarschuwing. Maar als de zenuwen die het pijnsignaal aan de hersenen doorgeven overprikkeld of beschadigd raken, kan de pijn aanhouden, zelfs als de oorspronkelijke aanleiding al lang is verdwenen. De pijn gaat dan als het ware een eigen leven leiden. In dat geval heb je te maken met een nieuw, op zichzelf staand probleem.”

Wat is eraan te doen?

“Als we geen duidelijke – behandelbare – oorzaak voor de pijn kunnen vinden, hebben we grofweg twee opties: medicijnen die de pijnprikkel dempen of de zenuw die de pijnprikkel veroorzaakt (tijdelijk) uitschakelen. Dat laatste kan met behulp van injecties, elektrische prikkels of een operatie. Daarnaast is er zo nodig ondersteuning van bijvoorbeeld een fysiotherapeut of een psycholoog.”

Lukt het altijd om mensen pijnvrij te krijgen?

“We gaan tot het uiterste, maar helaas lukt dat niet altijd. De impact op het dagelijkse leven is dan groot. Relaties en werk lijden eronder, en patiënten vinden het vaak moeilijk om de moed erin te houden. In zo’n geval kan een speciaal therapieprogramma helpen om anders met de pijn om te gaan. In gesprekken en oefeningen leren patiënten hoe ze de pijn, maar ook bijkomende zorgen of angsten kunnen opvangen en aanvaarden.”

[Testimonial]

Na een uitbraak van gordelroos twee jaar geleden hield mevrouw Wijmans – Van Dillen (95) helse pijnen, ook toen de infectie al lang voorbij was. Na lang zoeken bleek botox enige verlichting te bieden.

“Terwijl ik met u praat, druk ik een nagel in mijn bovenbeen. Dat heb ik mezelf aangeleerd om de pijn rond mijn torso te onderdrukken. Of beter gezegd: om mezelf ervan af te leiden. Want weg is de pijn nooit.

Twee jaar geleden kreeg ik gordelroos. Op zich niets bijzonders, dat komt veel voor. Maar een deel van de patiënten houdt er chronische pijnklachten aan over. Helaas was dat bij mij het geval. Drie weken na de uitbraak kreeg ik van binnenuit heel heftige pijnen over een groot deel van mijn bovenlichaam. Negen of tien op een schaal van tien. En dat 24 uur per dag.

De huisarts stuurde me snel door naar een pijnpoli, eerst in Den Haag, later in Utrecht. Daar kreeg ik allerlei medicijnen voorgeschreven, maar overal reageerde ik allergisch op. Spugen, huiduitslag; ik belandde van de regen in de drup. ‘Dan kunnen we niets meer voor u doen’, zeiden de artsen.

Omdat zoveel pijn hebben veel energie kost, viel ik zienderogen af. En ik kon het niet meer opbrengen om naar de bioscoop of het theater te gaan. Als het zo erg was gebleven, had ik misschien niet verder gewild. Voor dat geval had ik al een euthanasieverklaring opgesteld.

En toen kwam ik op de pijnpoli in Leiden. Het was een warm bad. Ze toonden zo’n oprechte interesse, en waren heel duidelijk en eerlijk. Dokter Simon besloot me met botox te injecteren. Eerst leek het niets uit te halen, maar na vijf weken voelde ik van de ene op de andere dag een verschil. De pijn is nu dragelijk, gemiddeld tussen een 5 en een 8.

Somber ben ik nooit geweest; ik geniet nog elke dag. Mijn advies? Probeer je vooral niet te veel op je pijn te focussen. Als je erover praat, voel je die twee keer zo heftig.”

[Kader]

PIJNBEHANDELCENTRUM

Het grootste deel van de mensen met chronische pijnklachten krijgt begeleiding van de huisarts. Als dat niet of onvoldoende helpt, kan die zijn patiënt doorverwijzen naar een speciale pijnpoli. Pijnbehandeling is namelijk sinds vijftien jaar een apart specialisme geworden. De artsen van het pijnbehandelcentrum zijn anesthesiologen die een extra opleiding hebben gehad op het gebied van pijngeneeskunde.

Bij het Pijnbehandelcentrum in het LUMC worden klachten ‘multidisciplinair’ bekeken. Dat wil zeggen dat de pijnspecialisten samenwerken met andere behandelaars, zoals fysiotherapeuten, psychologen, neurologen, internisten, (neuro)chirurgen en revalidatieartsen, om zo een beter resultaat te krijgen.

[Testimonial]

De ernstige pijnklachten waar Koos Mulder (54) zeven jaar mee worstelde, maakten hem wanhopig. Dankzij een operatie in het LUMC durft hij nu weer vooruit te kijken.

“‘Zet het raam maar open, dan spring ik eruit.’ Dat zei ik vijf jaar geleden tegen een specialist van een ander ziekenhuis. Hij had me toen net verteld dat ik maar met mijn gekmakende pijn moest leren leven. Pijn van gemiddeld zeven of acht op een schaal van tien. Pijn die ervoor zorgde dat ik niets meer kon. Pijn die er altijd was. Zo hoefde het leven van mij niet meer. Ik had al concreet in mijn hoofd hoe ik er een einde aan zou maken.

Begin 2009 was mijn galblaas verwijderd, met blijvende pijnklachten tot gevolg. In vier jaar heb ik even zoveel ziekenhuizen en een veelvoud aan specialisten gezien. Maar wat ze ook probeerden, de sensatie dat iemand een mes in mijn rechterzij stak en dat flink ronddraaide, hield aan. Inmiddels was ik mijn baan kwijt en kwam ik het huis niet meer uit. Mijn leven stond volledig stil.

Dat ik de moed niet heb opgegeven, was dankzij mijn familie en mijn fantastische huisarts. Die bleef geloven dat we een keer een oplossing zouden vinden. In 2013 verwees hij me door naar de pijnpoli van het LUMC. De zenuwblokkades die ik daar kreeg, boden wonder boven wonder verlichting. Toen die steeds minder lang gingen werken, besloot dokter Malessy mij eind vorig jaar te opereren en de pijn-veroorzakende zenuw door te knippen en te isoleren.

Meteen toen ik wakker werd, voelde ik: dit is anders. De pijn is niet weg, maar er is – zonder pijnstillers – mee te leven. Voor het eerst in zeven jaar kan ik weer kleine stukjes fietsen, en een paar dagen met mijn echtgenote weg. Mijn droom is om in de toekomst weer aan het werk te gaan. En bovenal om er weer voor mijn vrouw en drie kinderen te zijn. Want dat ik die al die jaren zo tekort heb gedaan, vind ik nog het allerergste.”

[Kader]

ZENUWPIJN

Pijnpatiënt Koos Mulder werd geopereerd door prof. Martijn Malessy, gerenommeerd neurochirurg en internationaal voorloper in de behandeling van zenuwpijn. Ongeveer één op de zes chronische pijnpatiënten lijdt aan zenuwpijn. Deze vaak heel heftige pijn reageert meestal slecht op pijnstillers. Voor hen richtte Malessy vorig jaar het eerste gespecialiseerde zenuwcentrum op, een landelijk expertisecentrum aangewezen door de minister van VWS, waar uit heel Nederland patiënten naartoe komen.

“Bij mensen met complexe zenuwpijn ga ik op zoek naar de veroorzaker van het probleem”, vertelt Malessy. “Dat kan bijvoorbeeld een beschadigde zenuw zijn, of een zenuw die in een gebied ligt met veel littekenweefsel, waardoor er extra pijnprikkels naar de hersenen gaan.”

Die zoektocht klinkt gemakkelijker dan hij is, want een zenuw is minuscuul klein. Bovendien hebben we wel zo’n 150 kilometer aan zenuwen in ons lichaam. Lukt het om de boosdoener te lokaliseren, dan probeert Malessy de zenuw te herstellen. Dikwijls is de schade daarvoor echter te groot. “In dat geval haal ik hem uit de ‘oorlogszone’ en verplaats ik hem naar een rustiger plek. Bij zo’n 30 tot 40 procent van de patiënten zorgt dat voor minder pijnklachten.”

Een belangrijke bijdrage van Malessy aan de pijnbehandeling is de introductie van een nieuwe zenuwhersteltechniek bij baby’s met zenuwletsel aan de arm, dat ontstaat tijdens de geboorte. Momenteel onderzoekt hij stoffen die de groei van beschadigde zenuwen kunnen bevorderen en zo pijn kunnen verminderen. “Mensen denken vaak: eenmaal kapot, blijft kapot. Maar dat hoeft bij zenuwen niet zo te zijn. Hoe eerder je erbij bent, hoe groter de kans dat je chronische klachten kunt voorkomen.”

[Kader]

Wetenschappelijk onderzoek naar pijn

Het LUMC speelt landelijk een belangrijke rol in het onderzoek naar de oorzaken, werking en behandeling van chronische pijn. Zo bracht het ziekenhuis eerder dit jaar naar buiten dat één op de tien jonge moeders in Nederland twee jaar na de geboorte van hun kind nog altijd kampt met pijn van de bevalling. “Zes procent van deze vrouwen ondervindt soms nog ernstige restverschijnselen van de baringspijn”, vertelt prof. Albert Dahan, hoofd van het wetenschappelijke onderzoek binnen de afdeling Anesthesiologie. “Soms zelfs dagelijks. Zij kunnen vaak niet meer werken en meedoen met alledaagse dingen. Verder hebben ze dikwijls last van depressie en angstige klachten. We gaan nu vervolgonderzoek doen om te kijken of we dit soort langdurige pijnklachten kunnen voorkomen.”

Onlangs is het team van Dahan ook gestart met een groot onderzoek naar het voorkomen van chronische pijn na een hartoperatie. Dat komt namelijk veel voor; 35 procent van de hartpatiënten heeft daar drie maanden later nog last van. “We behandelen ze nu twee weken vóór de operatie met medicijnen, met als doel hun pijngevoeligheid preventief te verminderen. Het idee is dat pijnprikkels die tijdens en na de operatie ontstaan als het ware minder diep worden ‘ingekerfd’ in de hersenen. Dat zou de kans dat die prikkels later – als de wond is genezen – blijven hangen, moeten doen afnemen.”

Rode draad in veel van het pijnonderzoek in het LUMC is dat je niet de achterliggende aandoening, maar het pijnmechanisme zelf behandelt. Dat lijkt bij veel ziektes namelijk verrassend vaak gelijkenissen te vertonen. Dahan: “En daarnaast kijken we juist hoe we steeds meer maatwerk kunnen leveren. Wat zijn de lichamelijke kenmerken van een patiënt? Hoe staat hij in het leven? Is hij somber of angstig? Al dat soort factoren spelen een rol. Door die informatie samen te voegen, kunnen we de combinatie van behandelingen kiezen die bij die specifieke patiënt de beste kans van slagen heeft.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: