POST

15 Jul

Gepubliceerd in Buitenleven 5, juni 2016. 

Iedere week schrijven moeder Francien en dochter Marte, beiden import Friezen, elkaar op deze plek over hun ervaringen met het dorpsleven. Deze keer over zwemmen, varen en boterhammen ‘met tevredenheid’.

 

  • Illustratrice Francien van Westering (65), bekend van haar kattentekeningen, verhuisde vijftien jaar geleden van de randstad naar een lieflijk boerderijtje in Zuid-Friesland. Daar woont ze met haar man Bram, haar Tibetaanse terriër Dribbel, vijf poezen, zes hennen en een haan.
  • Begin vorig jaar besloot Franciens dochter, journaliste Marte van Santen (40), haar te volgen. Ze verruilde haar Amsterdamse appartement voor een hoekhuis in een klein Fries plaatsje, 20 kilometer bij haar moeder vandaan. Ze deelt haar woning met haar grijze koningspoedel Dirkje.

 

Lieve Marte,

Mijn moeder kreeg in haar jeugd huidtuberculose, een vorm van tbc die nu niet meer in Europa voorkomt. Medicijnen waren er nog niet, maar in die tijd geloofden artsen heilig in de genezende werking van de buitenlucht. De dokter van mijn moeder ging nog een stapje verder. Hij schreef haar baden in zee voor, twee maal daags. En dus verhuisde de hele familie van Amsterdam naar Zandvoort. Want ja, dat moest van de dokter.

Vanaf dat moment zwom mijn moeder van april tot november elke dag in zee, weer of geen weer. En dat bleef ze het grootste deel van haar leven doen. Van jongs af aan werd ik ook meegesleept, omdat ze er van overtuigd was dat zeewater goed was voor de gezondheid in het algemeen en de groei in het bijzonder. Zoals je weet zijn mijn broer en ik erg lang uitgevallen, dus wie weet had ze gelijk!

Zwemmen was niet de enige hobby van mijn moeder; ze was ook dol op roeien. We huurden altijd een roeiboot in het prachtige dorp Spaarndam. Vol enthousiasme en in een flink tempo roeide mijn moeder ons over De Mooie Nel (wat een geweldige naam hè). Meestal legde ze ergens tussen het riet aan, en stuurde ze ons het water in om te zwemmen. Ik voel nog de modder tussen mijn tenen als ik het water in liep (bah) en de opluchting dat ik de grond los kon laten en weg kon zwemmen.

Wanneer we met een handdoek om ons heen weer bibberend in de boot zaten, kregen we een glaasje limonade en een boterham ‘met tevredenheid’, wat betekende dat er alleen margarine op zat. Want veel geld hadden we niet. Maar dat kon de pret niet drukken. We genoten van de heerlijke, eindeloos lange zomerdagen op het water.

Laatst had ik ineens zo’n zin om weer eens te roeien! Nu woon ik in een provincie die bekend is om het vele water. Genoeg gelegenheid om een roeibootje te huren zou je zeggen. Toch? Op internet kwam ik echt van alles tegen. Sloepen, jachten, roeischouwen, ribboten en toerboten – allemaal met een motor. Maar een gewone roeiboot was niet te vinden. Ik was helemaal verontwaardigd en voelde me ineens stokoud. Wat vind je, moet ik dan maar met mijn tijd mee gaan en iets met een motor huren?

Dikke kus,

Francien

————————————————————————

Lieve mam,

“Friesland, daar heb je toch al die meren?” Dat was ongeveer het enige wat mijn Amsterdamse vrienden over onze provincie konden vertellen toen ik vorig jaar aankondigde naar het noorden te willen verhuizen. Nu wonen wij natuurlijk allebei in een deel van Friesland met meer bos dan water. Des te leuker vond ik het dat mijn collega, vriendin en geboren Friezin Annemarie me laatst uitnodigde om met haar te gaan varen. Samen met haar man en twee puberzonen woont ze op een uniek plekje, direct aan een doorgaande vaart. En natuurlijk hoort daar ook een bootje bij. Een prachtige sloep wel te verstaan. Mét motor. Want hoe romantisch een roeiboot ook is, mechanische aandrijving is echt geen overbodige luxe als je de Friese meren op gaat. Die zijn dus hartstikke groot!

Echt Friezen varen. En nemen hun hond dan natuurlijk mee. Zo kwam het dat ik mezelf in een wiebelende boot probeerde staande te houden, terwijl Dirkje me vanaf de wal twijfelend aankeek. Ze springt vast zo achter me aan, dacht ik nog. Niet dus. In plaats daarvan zette mijn landrot zich schrap en weigerde ze voor- of achteruit te gaan. Het koste me een half uur en een hele zak koekjes voor ik haar eindelijk zo ver had dat ze instapte.

Via het pittoreske IJlst zetten we koers naar het Sneekermeer. Met de wind in mijn haren en de zon op mijn gezicht vergaapte ik me aan de bijzondere natuur, waar je vanaf het land nooit kunt komen. Wat een ruimte! Wat een vrijheid! Langzaam begon ik te begrijpen waarom zoveel mensen graag het ruime sop kiezen.

En toen was daar ineens het Sneekermeer. Immens groot, maar ook tjokvol. Zoveel boten had ik nog nooit bij elkaar gezien! “Is het hier altijd zo druk?”, vroeg ik Annemarie naïef. Bleek er Skûtsjesilen te zijn, je weet wel, het jaarlijkse watersportevenement. En met ons sloepje waren wij precies middenin een wedstrijd terechtgekomen….

Zo ver als ik kon zien lagen er schepen en scheepjes langs het parcours. Vakkundig manoeuvreerde Annemarie haar sloep tussen een paar andere toeschouwers. Zaten we zomaar eerste rang bij een van de belangrijkste zeilwedstrijden van het jaar. Ik had natuurlijk geen idee welke boot van wie was, maar wat maakte het uit; voor het eerst sinds ik hier woon, voelde ik me een echte Friezin.

Alle liefs,

Marte

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: