Archief | ZIN RSS feed for this section

DOKTER APP

7 jan

1913Z_Gezond praktisch jpg.jpg

Gepubliceerd in ZIN 13, november 2019.

Van stappentellers tot yogalessen, van medicijnwekkers tot mental coaches: wereldwijd zijn er meer dan 400.000 apps die beweren dat ze je gezondheid bevorderen. Elke dag komen er bovendien een paar honderd bij. Hoe vind je in dat overweldigende aanbod je weg en kies je een app die betrouwbaar is?

Gezondheidsapps zijn er in alle soorten en maten. Verreweg de grootste groep biedt handvaten om je leefstijl te verbeteren. Denk aan hulpjes om meer te bewegen, gezonder te eten, minder te piekeren of beter te slapen. Maar er is ook een groeiende groep apps die mensen met een chronische aandoening helpt bij het managen van hun ziekte. Bijvoorbeeld een app waarmee diabetespatienten hun bloedglucosewaarden registreren en met hun zorgverleners delen, of een app waarin reumapatiënten bijhouden hoe hun klachten zich ontwikkelen.
Geen bewijs
Hartstikke handig natuurlijk, al die digitale hulpmiddelen. Ze geven ons als gebruikers de tools om meer zicht en grip te krijgen op onze gezondheid(sklachten). Maar er zit wel een addertje onder het gras. Er is namelijk nauwelijks iets bekend over de betrouwbaarheid van al die zelfbenoemde gezondheidsapps.
“De effectiviteit van verreweg de meeste apps is nooit goed onderzocht”, bevestigt huisarts en hoogleraar e-health toepassingen Niels Chavannes. “Veel ervan zijn in de eerste plaats ontwikkeld om geld te verdienen, niet om een gezondheidsprobleem op te lossen. Ze doen allerlei claims, bijvoorbeeld dat je er beter door gaat slapen, zonder dat daar enig bewijs voor is.”
Dat is al vervelend genoeg bij leefstijlapps. Maar als het gaat om medische apps, bijvoorbeeld die beweren diagnoses te kunnen stellen, is het volgens Chavannes zelfs ronduit gevaarlijk. “Zo was er een app waarmee je je bloeddruk kon meten door enkel je telefoon tegen je borstbeen te houden. Klinklare onzin natuurlijk; bij 80 procent van patiënten met een te hoge bloeddruk gaf de app aan dat er niets aan de hand was. Maar voor je het weet minderen mensen naar aanleiding van zo’n uitslag wel hun medicijnen, of stoppen ze er zelfs mee.”
Checklist
Chavannes stond vorig jaar mede aan de wieg van het National eHealth Living Lab (NeLL), een initiatief van het Leids Universitair Medisch Centrum,  waarin alle landelijke e-health-initiatieven moeten samenkomen. De onderzoekers van het NeLL houden zich onder andere bezig met de betrouwbaarheid van apps. “We kunnen die natuurlijk niet allemaal testen en  keuren”, erkent Chavennes. “Bovendien loop je met zo’n grote aanwas van nieuwe apps per definitie achter de feiten aan. Vandaar dat we werken aan een checklist voor bouwers. Daarin staan dingen als: zijn de eindgebruikers bij de ontwikkeling betrokken? Is er een effectmeting gedaan? Op die manier hopen we hen te stimuleren om zorgvuldiger te werk te gaan. Apps die al aan die eisen voldoen krijgen straks waarschijnlijk een soort vinkje, zodat het voor consumenten gemakkelijker wordt om een betrouwbare toepassing te kiezen.”
Gezond verstand
Vooruitlopend daarop zijn er al verschillende initiatieven die burgers helpen om hun weg in het app-bos te vinden. De GGD AppStore bijvoorbeeld (zie kader), waar het NeLL nauw mee samenwerkt. Hierin vind je uitsluitend apps die de toets der kritiek van GGD-professionals hebben doorstaan. Zodat je als gebruiker weet: hiermee zit ik goed.
Een ander initiatief is de website DigitaleZorggids.nl van Patiëntenfederatie Nederland, de koepelorganisatie van meer dan 200 patiëntenverenigingen. Die site geeft informatie over wat digitale zorg is en wat voor diensten er allemaal bestaan. Ook kun je zoeken op specifieke producten — waaronder apps — en aandoeningen.
In tegenstelling tot de GGD AppStore geeft de patiëntenfederatie geen waardeoordeel over de vermelde toepassingen. Wel hebben patiënten, zorgexperts en zorgverleners de mogelijkheid zelf een beoordeling achter te laten.
“Het beste advies dat ik kan geven is om bij het kiezen van een app je gezonde verstand te gebruiken”, aldus Marcel Heldoorn, manager digitale zorg bij Patiëntenfederatie Nederland. “Installeer niet klakkeloos een applicatie. Check bijvoorbeeld of een app samen met een artsen- of patiëntenvereniging is ontwikkeld. Als dat niet duidelijk in de app staat, kun je er naar googelen. Of vraag je zorgverlener of die bekend is met de app.”
Privacy
Ook belangrijk: geef zeker niet zomaar toestemming om al je persoonlijke gegevens te delen. Vraagt een app daar toch om? Bedenk dan goed of dat wel logisch en noodzakelijk is. “Voor een stappenteller heeft een app-bouwer bijvoorbeeld echt geen telefoonnummer nodig”, zegt Heldoorn. “Laat staan je medische informatie. Let dus goed op wat hierover in de algemene voorwaarden staat voor je een app downloadt.”
Tot slot geeft hij nog een waarschuwing: gratis apps blijken in de praktijk lang niet altijd echt gratis, omdat je bij het gebruik ervan ineens allerlei in store  aankopen moet doen. Toch moeten mensen zich volgens hem door al deze kritische kanttekeningen niet laten weerhouden om gezondheidsapps te gebruiken. “Als je een beetje verstandig te werk gaat, kun je er veel baat bij hebben.”

[Kader]
Hoe doet die app dat?
Het lijkt wel soms wel magie, apps op je telefoon of tablet die meten hoeveel je loopt of hoe hoog je hartslag of bloeddruk is. Het tellen van het aantal stappen is simpel verklaard: aan de hand van een bewegingssensor berekent de app hoe vaak u de ene voet voor de andere zet. Maar bij bijvoorbeeld het meten van de hartslag wordt het al ingewikkelder. De apps die dat bijhouden, maken meestal gebruik van de camera op de telefoon of tablet. Door je vinger daarop te leggen, zou je hartslag gemeten kunnen worden. Een foto van het gezicht zou de doorbloeding van de huid en daarmee de hartslag kunnen bepalen. Het is echter zeer de vraag hoe betrouwbaar deze methodes zijn. Hetzelfde geldt voor apps die de bloeddruk meten (waarvoor je overigens een losse bloeddrukmeter nodig hebt, die je in je smartphone of tablet-pc kunt steken).
Denkt u erover om dit soort waarden op uw telefoon of tablet te gaan bijhouden? Overleg dan altijd eerst met uw (huis)arts over welke apps geschikt zijn.

[Kader]
GGD Appstore
De 25 GGD’s in Nederland hebben samen met verschillende kennisinstituten en patiënten- en consumentenorganisaties een eigen AppStore in het leven geroepen. Het doel: een begrijpelijk en transparant overzicht geven van betrouwbare gezondheidsapps en -websites. Op basis van eigen kwaliteitscriteria testen GGD-professionals verschillende apps op bijvoorbeeld gebruikersvriendelijkheid, functionaliteit en privacy. Alleen de apps die aan de eisen voldoen, komen in de GGD AppStore terecht. Je kunt daarin zoeken op categorie of op trefwoord. Bij iedere app staat kort en duidelijk beschreven voor wie die bedoeld is en waarvoor je hem kunt gebruiken. Daarnaast zie je in één oogopslag hoe die scoort op de verschillende criteria.
ggdappstore.nl

[Kader]
Betrouwbare leefstijlapps
Op zoek naar een betrouwbare app die je helpt je leefstijl te verbeteren? Deze vijf zijn door de professionals van de GGD getest en goed bevonden:

  • Mijn Eetmeter van het Voedingscentrum is een eetdagboek om je voedingspatroon in kaart te brengen. Verder geeft de app aan hoeveel calorieën er in een product zitten. Je kunt ook bijhouden hoeveel je dagelijks beweegt.
  • Thuisarts van het Nederlandse Huisartsen Genootschap biedt veel betrouwbare informatie over ziekte en gezondheid. Je kunt een medicatieherinnering instellen en een dagboek van je bezoeken aan de huisarts bijhouden.
  • De Sleep Cycle Alarm Clock (Engelstalig) kun je gebruiken om je slaap te monitoren en je op het best mogelijk tijdstip te laten wekken. Aan de hand van de geluiden die je maakt, berekent de app hoe diep je slaapt.
  • De Stilzitten App helpt je om te mediteren met behulp van je telefoon en eventueel een paar oordopjes. Aan de hand van geleide en stille meditaties word je stap voor stap meegenomen. Geschikt voor beginners.
  • Untire helpt (ex-)kankerpatiënten met een stap-voor-stap zelfhulpprogramma om hun energie terug te krijgen. Er is ook een online community met lotgenoten.

Bron: GGD AppStore

[Kader]
UIT DE PRAKTIJK
Twee jaar geleden kreeg Angelique Komen (1965) van haar gezin voor haar verjaardag een activity tracker in horlogevorm. In de bijbehorende app checkt ze (bijna) dagelijks of ze wel genoeg beweegt.
“Mijn dochter van toen 19 had een FITBIT en was daar enthousiast over. Dat is ook iets voor mijn moeder, dacht ze. Zo ontstond het idee voor het cadeau. Zelf had ik er denk ik niet snel één gekocht. Maar toen ik mijn activity tracker eenmaal had, begon ik het steeds leuker te vinden om mijn leefstijl in de gaten te houden. Twee jaar later doe ik dat dus nog steeds. Ik weet precies hoeveel stappen ik per dag zet, hoeveel trappen ik loop, hoeveel tijd ik sport en zelfs hoe lang en hoe diep ik slaap. Om mezelf te stimuleren, heb ik ook targets ingesteld. Zo wil ik minimaal vijf keer per week mijn dagelijkse doel van 6000 stappen overtreffen. Elke keer als dat lukt, gaat mijn telefoon trillen en verschijnt er vuurwerk op mijn beeldscherm. Ik ben nogal resultaatgericht, dus dan ben ik als een kind zo blij. Natuurlijk weet ik wel dat ik mezelf daarmee een beetje voor de gek houd. Maar als die beloning werkt, waarom dan niet? Want ik weet zeker dat ik nu bijvoorbeeld meer wandel dan twee jaar geleden. Zo doe ik meer lopend boodschappen, in plaats van dat ik de auto neem. Toen mijn FITBIT laatst kapot ging, miste ik hem ook echt. Meteen laten repareren dus. Ik wil niet meer zonder.”  

 

11 mrt

1704Z Gezondheidsnieuws 84-85

Gepubliceerd in ZIN 4, maart 2017. 

BETER
“Anders ademen was voor mij de sleutel voor herstel”
Twee jaar geleden kon Titia Weistra (1974) nauwelijks nog het dopje van een pak melk draaien, zoveel last had ze van haar reumatische klachten. Dankzij ademtherapie voelt ze zich nu beter dan ooit.
“Het is heel confronterend als je je jonge kinderen moet vragen om kaas voor je te schaven of een glaasje drinken in te schenken. Maar ik had te veel pijn in mijn handen om het zelf te doen. Niet alleen daar trouwens, overal in mijn lijf. En ik was altijd moe.
Vanaf mijn 20ste waren die klachten langzaamaan steeds erger geworden. In 2010 kreeg ik eindelijk een diagnose: artritis psoriatica, een vorm van ontstekingsreuma die samengaat met huidklachten. Medicijnen gaven vooral veel bijwerkingen; echt beter voelde ik me er niet door.
Twee jaar geleden verwees de reumatoloog verwees me door naar Hans Timmerman, een fysiotherapeut die een eigen vorm van ademtherapie heeft ontwikkeld, personal tuning. Hij leerde me simpele ademtechnieken om de doorbloeding van mijn brein en weefsels te bevorderen en zo de ontstekingsreacties van binnen uit aan te pakken. Het bleek de sleutel voor mijn herstel.
Vanaf eerste week voelde ik me beter, en na zes weken was ik van alle klachten af. Ongelofelijk, dat zo’n kleine verandering in je dagelijkse routine zo’n groot verschil kan maken. Die ervaring gun ik andere mensen ook. Vandaar dat ik me inmiddels heb laten omscholen. In plaats van HR- en verzuimmanager ben ik nu zelf ademcoach.”
http://www.personaltuning.nl, http://www.burosterker.nl

NIET LEVERBAAR
Het gebeurt helaas steeds vaker: bij de apotheek of in het ziekenhuis krijg je te horen dat een medicijn tijdelijk niet leverbaar is. Soms wil de fabrikant het niet meer maken, omdat de opbrengst niet opweegt tegen de kosten. Of een van de grondstoffen is moeilijk verkrijgbaar. Het kan ook zijn er (te) weinig fabrikanten zijn die een bepaald middel produceren. Zorg dus altijd dat je minimaal een week voor medicatie op is een herhaalrecept aanvraagt. Lees meer hierover op: apotheek.nl/themas/beschikbaarheid-medicijnen-kom-niet-zonder-te-zitten#waarom-niet-beschikbaar

GEZOND OF GEVAARLIJK?
In zijn boek Op je gezondheid stelde psychiater René Kahn onlangs dat elk glas alcohol potentieel gevaarlijk is. Maar je leest ook vaak dat een wijntje per dag juist gezond kan zijn. Wie te geloven? Volgens de website gezondheidenwetenschap.be valt niet met zekerheid te zeggen of een drankje per dag nu nuttig of schadelijk is. Uit verschillende onderzoeken blijkt namelijk dat beperkt alcoholgebruik beschermend werkt voor je hart, maar een verhoogd risico geeft op kanker. Vooralsnog is niet duidelijk wat het effect op de totale gezondheid is.

VOORKOMEN IS BETER
Sinds 2014 krijgen alle Nederlanders tussen de 55 en 75 jaar elke twee jaar een oproep om ontlasting in te leveren. Het onderzoek is gratis en vrijwillig. Als voldoende mensen meedoen, is de verwachting dat daarmee op den duur jaarlijks 1.400 tot 2.400 sterfgevallen aan darmkanker kunnen worden voorkomen. Meer informatie: rivm.nl/Onderwerpen/B/Bevolkingsonderzoek_darmkanker

SLAAP JE SLANK
Mensen die ’s avonds op tijd naar bed gaan en ’s ochtends ook op tijd weer opstaan, hebben minder kans om zich te overeten. Andersom zijn we bij minder dan zes uur slaap per nacht geneigd om een slaaptekort de volgende dag ‘goed te maken’ met extra voedsel. Dat blijkt uit recent onderzoek van de American Heart Association. Hoe groot het effect van slaapgebrek op (over)gewicht precies is, moet verder worden uitgezocht.

NOOIT TE OUD OM TE LEREN

In zes weken leren wat u aan uw leefstijl en omgeving kunt ver- anderen om gezond(er) ouder te worden? Dat kan met de gratis online cursus van onder andere de Leyden Academy en de TU Delft. Gerenommeerde docenten vertellen (in het Engels) over de laatste weten- schappelijke inzichten en geven praktische adviezen. Opgeven voor de cursus kan via Edx.org/course (zoek op ‘healthy ageing in 6 steps’).

Weetje 

79,5% van de Nederlanders ervaart zijn gezondheid als (zeer) goed, mannen (81,9%) iets vaker dan vrouwen (77,2%).
Bron: CBS.

Weetje

58% van de Nederlanders gelooft dat grapefruitsap of citroensap helpt bij het afbreken van vet. Maar er is geen enkel wetenschappelijk bewijs dat het drinken van dit soort sappen helpt om af te vallen.
Bron: Voedingscentrum.

Weetje

1 op de 9 mensen heeft een reumatische aandoening. Dit komt neer op bijna twee miljoen Nederlanders.
Bron: NIVEL.

11 mrt

1703Z Gezondheidsnieuws 84-85

Gepubliceerd in ZIN 3, februari 2017.

BETER

“Ik ben letterlijk en figuurlijk lichter geworden”
Geen enkele behandelaar lukte het om Mieke Alferink (1964) van haar onverklaarde spierpijn af te helpen. Tot een voedingsdeskundige haar adviseerde om haar eetpatroon te veranderen.
“Anderhalf jaar geleden zag ik bij een cultureel centrum in de buurt een aankondiging voor een lezing over gezonde voeding hangen. Daar moet ik heen, dacht ik. Ik worstelde al jaren met mijn gewicht, en ook met spierpijn in mijn benen, overbelaste achillespezen en vermoeidheid. Als ik ’s ochtends opstond, voelde ik me een vrouw van tachtig. Behandelingen door onder andere een fysiotherapeut en een bekkenbodemspecialist hadden niets uitgehaald.
Tijdens de lezing vertelde voedingsdeskundige Carina Veldhuis over orthomoleculaire geneeskunde, waarbij je met je voeding zo veel mogelijk nuttige en zo min mogelijk schadelijke voedingsstoffen probeert binnen te krijgen. Dat je op die manier gezondheidsklachten kunt behandelen of voorkomen, sprak me direct aan.
Niet lang daarna heb ik een afspraak bij Carina’s praktijk gemaakt. Met haar hulp heb ik eerst mijn lichaam gereinigd en daarna een heel nieuw voedingspatroon opgebouwd. Minder koolhydraten en suiker en meer eiwitten. Verder vul ik mijn voeding aan met verschillende supplementen, zoals vitamine D en B, magnesium, zink en Omega-3.
Binnen een paar weken merkte ik verschil. Mijn spierpijn verdween als sneeuw voor de zon en mijn achillespezen kalmeerden. Voor het eerst sinds jaren kon ik pijnloos op platte schoenen lopen. Gaandeweg viel ik bovendien vijftien kilo af. Ik ben letterlijk en figuurlijk lichter geworden; behalve lichamelijk voel ik me nu ook geestelijk veel fitter en sterker. Onlangs ben ik gescheiden. Een heftige en verdrietige periode, maar ondanks dat kan ik de wereld aan.”
http://www.mynaturallife.nl

VIEZE POT
Bijna iedereen maakt er wel eens gebruik van: een openbaar toilet. Maar enig idee hoe schoon of vies dat is? Na twee opeenvolgende jaren van verbetering, is de hygiëne in Nederlandse openbare toiletten schrikbarend gedaald. Dat blijkt uit het jaarlijkse Nationaal Toiletonderzoek 2016 van vakblad Service Management. Van de 150 onderzochte toiletten was slechts ruim een kwart écht (bacteriologisch) schoon. In 2015 was dat nog 38 procent. Overigens bleken de damestoiletten voor de achtste keer op rij schoner te zijn dan de herentoiletten.

ROOMBOTER OF MARGARINE?
Het is oh zo lekker, maar roomboter bevat veel meer verzadigde (ongezonde) vetten dan margarine. Die zijn slecht voor je bloedvaten en kunnen het risico op hart- en vaatziekten vergroten, aldus Ingeborg Brouwer, hoogleraar Voeding voor gezond leven aan de VU in Amsterdam. Ter vergelijk: roomboter bevat per 100 gram 53 gram verzadigd vet, zachte margarine uit een kuipje 19 gram. Brouwers advies is dan ook om altijd voor margarine of halvarine te kiezen.

(ON)VERZADIGD
Moeite om te onthouden welk vet ook weer goed is en welk juist niet? Dan kan dit ezelsbruggetje helpen.

  • Verzadigd vet = Verkeerd,
  • Onverzadigd vet = Oké

VROUWEN ZIJN ANDERS
Veel hart- en vaatziekten ontstaan omdat de grote bloedvaten dichtslippen. Bij mannen geeft dat meestal de bekende pijn op de borst. Vrouwen hebben echter vaak meer en ook andere, vagere klachten. Algemene lamlendigheid bijvoorbeeld, pijn in de kaak, nek, rug of tussen de schouderbladen, kortademigheid, vermoeidheid, duizeligheid of een onrustig gevoel. Ongemakken die óók andere oorzaken kunnen hebben. Het gevolg: vrouwen worden minder snel naar de cardioloog verwezen en vaker zonder – of met een verkeerde – diagnose naar huis gestuurd. Meer weten? Kijk op womeninc.nl/gezondheid.

LANGER LEVEN
Mensen met ongeneeslijke kanker leven ondanks uitzaaiingen langer. Nieuwe medicijnen of herhaalde behandelingen houden de ziekte steeds beter onder controle. Dat blijkt uit onderzoek van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL). De afgelopen twintig jaar steeg het aantal kankerpatiënten met uitzaaiingen bij de diagnose dat na vijf jaar nog in leven was van gemiddeld 6,9 naar 8,6 procent. Tussen de verscheidene vormen van kanker zijn de verschillen overigens groot.

KOUD KANTOOR
Raar maar waar: vrouwen lijken het vaker koud te hebben dan mannen. De universiteit van Maastricht zocht uit hoe dat kan. Wat blijkt? Een vrouwenlichaam maakt uit zichzelf minder warmte aan. Vandaar dat vrouwen de thermostaat liefst drie (!) graden hoger zetten dan mannen. Helaas voor hen is de temperatuur op kantoor meestal ingesteld op de gemiddelde man. Niet verwonderlijk dus dat veel vrouwen op hun werk vaak zitten te bibberen.

KIJKSLUITER
Steeds meer apotheken geven patiënten naast de gebruikelijke bijsluiter ook een code voor een ‘kijksluiter’ mee. Daarmee kunnen ze thuis op internet een animatiefilmpje met medicijninformatie bekijken: waarvoor wordt het geneesmiddel gebruikt, wat kun je ervan verwachten en waar moet je op letten. De bedoeling is om hiermee het verkeerd gebruik van medicatie terug te dringen. Jaarlijks belanden er duizenden mensen in het ziekenhuis door bijwerkingen en onjuist medicijngebruik.

Weetje

Dagelijks sterven er in Nederland zo’n 56 vrouwen aan hart- en vaatziekten, 7 méér dan mannen.
Bron: Hartstichting

Weetje
12 procent van de Nederlanders heeft ernstig overgewicht (obesitas).
Bron: CBS (2015)

Weetje
Dankzij de website thuisarts.nl vinden er maandelijks 675.000 minder bezoekjes aan de huisarts plaats.
Bron: Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) / Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG)

ZINNIG: GEZOND

28 feb

1702z-gezondheidsnieuws-84-85

Gepubliceerd in ZIN 2, januari 2017. 

BETER
“Als ik een dagje weg wilde, moest ik een rolstoel gebruiken”
Vanwege haar jonge leeftijd moest Jolenta Weijers (1964) zeven jaar op een nieuwe heup wachten. In plaats van maximaal 300 meter loopt ze nu met gemak weer 12 kilometer.
“Mijn wereld werd steeds kleiner. Voor elk wissewasje moest ik de auto pakken. Dagelijks slikte ik handenvol pijnstillers. En dat terwijl ik nog niet eens vijftig was.
Het begon in 2008. Ik merkte dat ik steeds vaker door mijn linkerheup zakte. Gaandeweg werd die ook steeds pijnlijker. In plaats van te lopen, waggelde ik als een pinguïn. Comfortabel zitten of liggen ging haast niet meer. Artrose, vermoedde ik, want dat zit bij ons in de familie. Maar op heupfoto’s was daar niets van te zien. ‘Dus gaan we niet opereren’, zei mijn arts.
Jarenlang ploeterde ik zo verder. Toen ik op gegeven moment niet meer mee kon met een halfjaarlijks vriendinnenuitje, schafte ik een rolstoel aan. Ik weigerde me in mijn eigen huis te laten opsluiten. Maar confronterend was dat wel. Zo kon het niet verder.
Hemel en aarde moest ik bewegen om het ziekenhuis te overtuigen – kunstheupen gaan maximaal twintig jaar mee, dus artsen plaatsen die liefst zo laat mogelijk – maar uiteindelijk is mijn heup in december 2015 vervangen. Wat bleek? De binnenkant – niet zichtbaar op een foto – was compleet versleten. Had ik me al die jaren dus toch niet aangesteld.
Twee weken na de operatie was ik van de pijnstillers af, een maand later werd ik volledig beter verklaard. Nu kan ik weer met mijn man door de stad wandelen, en op hoge hakken lopen. Van die kleine dingen kan ik dagen in een gelukkige roes verkeren. Dankzij de nieuwe heup heb ik mijn leven terug.”

DOKTER GOOGLE
Gênant of lastig kwaaltje? Dan is ‘dokter Google’ snel geraadpleegd. Maar kun je daar wel op vertrouwen? Onderzoekers van de Amerikaanse Harvard Medical School wilden weten hoe accuraat de online symptomenchecker ‘Human Dx’ is. Ze legden 45 eenvoudige en ingewikkelde gezondheidsproblemen aan de webtool voor. De uitkomsten werden door twee artsen onafhankelijk van elkaar nagekeken. Wat bleek? In slechts 34 procent van de gevallen kwam er een juiste diagnose uit. Zo’n robot kan een echte dokter dus nog lang niet vervangen.

EVEN GEDULD SVP
Patiënten in de geestelijke gezondheidszorg moeten steeds langer op hulp wachten. Zowel voor een eerste gesprek als het moment waarop de behandeling begint, lopen de wachtlijsten verder op, bleek onlangs uit onderzoek van GGZ Nederland. Bij de helft van 24 ondervraagde instellingen overschreed de wachttijd voor een eerste gesprek de landelijke norm van maximeel vier weken. De langste aanmeldwachttijd bedroeg vijftien weken. Het gevolg: psychische problemen stapelen zich op, waardoor mensen onnodig in een crisissituatie terecht kunnen komen, aldus GGZ Nederland.

BORSTFOTO? NEEM EEN PARACETAMOLLETJE
Alle vrouwen tussen de 50 en 75 jaar krijgen eens in de twee jaar een oproep voor een mammografie. Soms is zo’n onderzoek, waarbij de borst wordt platgedrukt tussen twee platen plexiglas, bijzonder pijnlijk. Vooraf een paracetamol nemen kan het onderzoek minder onaangenaam maken, meldde Ruud Pijnappel, hoogleraar mammaradiografie aan het UMC Utrecht, tijdens zijn oratie. Vrouwen die altijd gehoor geven aan de oproep voor het borstonderzoek lopen vijftig procent minder kans om aan borstkanker te overlijden.

MOND VOL KWIK
Het staat als een paal boven water dat kwik vervuilend is voor het milieu. Vandaar dat het in thermometers al lang is verboden. Maar tandartsen mogen kwik nog wel in je mond stoppen, waarschijnlijk omdat nooit is aangetoond dat het een gevaar vormt voor de gezondheid. (Tenzij je er allergisch voor bent natuurlijk.) Toch heeft het Europees Parlement een verordening goedgekeurd die tandvullingen met kwik vanaf 1 januari 2019 verbiedt voor kinderen en zwangere vrouwen. Doel is om tegen 2022 een algemeen verbod in te voeren.

OPPASSEN GEBLAZEN
Via onder andere Marktplaats en webshops worden voedingssupplementen aangeboden die zouden helpen om af te vallen. Daarin kunnen stoffen zitten die ernstige bijwerkingen kunnen geven, zoals een verhoogde hartslag, hoge bloeddruk, misselijkheid, duizeligheid en angstgevoelens. Hiervoor waarschuwt de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). Het gaat om Emtea, Irem Natural en Niva detox, te koop in de vorm van capsules en thee. Voor zover bekend is in ieder geval één gebruikster eraan overleden. Verkoop van deze producten is inmiddels verboden, maar toch worden ze nog aangeboden, soms ook aan de deur. Niet aanschaffen dus!

 

AED
In Nederland hangen 80.000 en de 100.000 mobiele defibrilatoren (AED’s), draagbare apparaten die het hartritme bij een hartstilstand kunnen herstellen. Jaarlijks krijgen zo’n 16.000 mensen buiten het ziekenhuis een hartstilstand. Midden jaren negentig was hun overlevingskans 9 procent. Mede dankzij de AED’s is dat inmiddels is dit opgelopen tot 23 procent.
Bron: Hartstichting

53 GRAM. Zoveel verzadigd (ongezond) vet bevat 100 gram roomboter. Ter vergelijk: bij zachte margarine uit een kuipje is dat 19 gram per 100 gram. Als je zes boterhammen per dag eet, krijg je bij roomboter zo’n 16 gram verzadigd vet binnen, bij margarine 6 gram en bij halvarine 3,5 gram. Het advies is dan ook om in principe altijd voor margarine of halvarine te kiezen.
Bron: Voedingscentrum

13 PROCENT  van de Nederlanders meet zijn gezondheid en conditie met behulp van een online of mobiele applicatie zoals een app, een hartslagmeter of een smartwatch.
Bron: GFK

GEZOND ZINNIG

8 jan

2017-01-zin-gezondheid

Gepubliceerd in ZIN 1, januari 2017.

BETER

“Tot mijn eigen verbazing merkte ik al na één dag verschil.”
Zonder duidelijke reden verloor Elly de Lorijn (1962) de kracht in haar bovenarmen. Met speciale fysiotherapieoefeningen kwamen haar lijf én haar geest weer in balans.
“Het begon tijdens het fitnessen. Ik merkte dat ik steeds minder kracht in mijn bovenarmen kreeg. Te hard gewerkt, dacht ik, of te veel stress. Het zou vast wel vanzelf over gaan. Maar dat gebeurde dus niet. Integendeel, de klachten verergerden alleen maar. Na een paar maanden kon ik mijn tas niet eens meer optillen. Toen ben ik naar Bruno Treipl gegaan, een fysiotherapeut die niet alleen het probleemgebied, maar je hele zijn behandelt.
Bruno legde me uit dat de spanning in je spieren door allerlei oorzaken uit balans kan raken. Als gevolg een ongeluk, operatie of stressvolle periodes bijvoorbeeld. Dan ontstaan er opstoppingen; knopen in je lijf en leden die zich als lichamelijke klachten uiten. Ik herkende mezelf helemaal in zijn verhaal. De afgelopen jaren heb ik behoorlijk wat op mijn bordje gekregen. Zo bezien was het niet zo vreemd dat mijn lichaam protesteerde.
Bruno gaf me speciale lichamelijke oefeningen volgens de Methode Niek Brouw. Die maakt je bewust van waar de spanningen zitten, en heft de blokkades op. Tot mijn eigen verbazing merkte ik al na één dag verschil. Ik voelde me ontspannen en had minder pijn. Gaandeweg kwam ook de kracht in mijn armen terug. Niet alleen dat, ik werd als mens ook steeds sterker. Sindsdien doe ik de oefeningen dagelijks. Vijf minuten is genoeg om me te helpen in balans te blijven. Zo ben ik mijn eigen therapeut geworden.”
fysiotherapie-brunotreipl.nl

Zelf ook enthousiast over een behandeling of therapie? Mail naar redactie@zin.nl o.v.v. Beter.

BRRR
Elke dag even koud douchen leidt tot minder ziekteverzuim, ontdekte onderzoekers van het AMC Amsterdam. Aanleiding voor het onderzoek was de groeiende aandacht voor het effect van kou op de gezondheid. Een deel van de drieduizend deelnemers douchte zich gedurende drie maanden normaal, de anderen moesten dagelijks dertig, zestig of negentig seconden koud (10 graden!) douchen. Naderhand bleken de koude douchers minder ernstige ziekteverschijnselen (zoals griep) te hebben, en daar bovendien sneller van te herstellen. Hierdoor meldden ze zich 29 procent minder vaak ziek dan de warme douchers.

JA-NEE?
Moet je eieren in de koelkast bewaren of juist niet? En tomaten, druiven en broccoli? Daar bestaat veel verwarring over. Met als gevolg: onnodig snel bederf. Om voedsel langer goed te houden, heeft het Voedingscentrum daarom de Ja-Nee Koelkaststicker ontwikkeld. Hierop zie je in één oogopslag waar je groente, fruit en eieren het beste kunt opbergen. Plak de sticker op de groentelade in de koelkast of op de koelkastdeur. Gratis te downloaden of te bestellen op voedingscentrum.nl. Daar vind je ook een online bewaarwijzer.

EFFE MAILEN
Steeds meer huisartsen en andere zorgaanbieders bieden de mogelijkheid om online zaken te regelen. Een afspraak maken, vraag stellen of herhaalrecept aanvragen bijvoorbeeld. Enige probleem: de meeste patiënten weten zulke diensten niet te vinden, dus maken ze er geen gebruik van. Dat blijkt uit de eHealth-Monitor 2016, een jaarlijks onderzoek van expertisecentrum Nictiz en het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg (NIVEL). Zorgverleners zouden hun patiënten dan ook beter moeten informeren, vinden de onderzoekers.

APK VOOR MEDICIJNGEBRUIK
Slik je verschillende medicijnen en twijfel je of je die wel echt allemaal nodig hebt? Vergeet je ze regelmatig in te nemen, of heb je last van bijwerkingen? Vraag dan eens een medicatiebeoordeling aan bij de apotheek. Dat is een soort APK keuring voor medicijngebruik. Samen met je apotheker loop je je geneesmiddelen langs. Zo nodig geeft die tips. Als er iets moet worden aangepast, overlegt de apotheker dat met de huisarts.

ZOUT, ZOUTER, ZOUTST
We eten nog net zoveel zout als tien jaar geleden, meldde het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) onlangs. De helft van de mannen gebruikt meer dan 9,7 gram zout per dag, tegenover meer dan 7,4 gram bij de helft van de vrouwen. Ruim boven de aanbevolen maximale hoeveelheid van 6 gram per dag. En dat terwijl het zoutgehalte in diverse levensmiddelen tussen 2011 en 2015 juist met 7 procent gedaald. Mogelijk strooien we het er dus zelf weer net zo hard bij. Te veel zout vergroot het risico op een hoge bloeddruk en hart- of vaatziekten, en kan nierschade veroorzaken.

SCHONE SLA(A)P(ST)ER
Naar schatting een kwart van de 45-plussers heeft slaapproblemen. Deze routines kunnen helpen om die te lijf te gaan.
Ochtend
Zet de wekker elke dag op dezelfde tijd, óók in het weekend.
Drink niet meer dan één kop koffie. (Of gebruik decaf.)
Middag
Maak een wandeling van een half uur. Zowel beweging als zonlicht kunnen helpen om ’s avonds beter te slapen.
Avond
Eet een lichte maaltijd. Zwaar eten kan een opgeblazen gevoel en oprispingen veroorzaken, waardoor je moeilijker inslaapt. Vermijd ’s avonds koffie en thee met cafeïne, frisdrank met prik, alcohol en chocolade.
Zet minimaal een half uur voor je naar bed gaat televisie, computer, tablet en telefoon uit. Het schermlicht stimuleert je hersenen namelijk, waardoor die moeilijker tot rust komen.
Investeer in gordijnen die het licht goed tegenhouden. Zorg dat de temperatuur in de slaapkamer een paar graden lager is dan in de rest van het huis. Dek je wekker af, zodat je ’s nachts niet steeds kunt kijken hoe laat het is.
Ga elke dag op dezelfde tijd naar bed. Als je na een kwartier nog niet slaapt, sta dan even op. Lees tot je moe bent en ga dan opnieuw naar bed.
Bron: Harvard Medical School.

Weetjes

  • 1 op de 10 vrouwen leest foodblogs om inspiratie op te doen over (gezond) eten.
    (Bron: Smart Food Monitor 2016)
  • Tussen 2012 en 2014 was de gemiddelde leeftijd van orgaandonoren 55 jaar, een stijging van twaalf jaar ten opzichte van de periode 1994-1996. Ook ontvangers van organen worden ouder, nu gemiddeld 53 jaar. (Bron: Trendcijfers NTS)
  • 4 op de 10 patiënten hebben geen goed gevoel over het gesprek met hun specialist, vooral vanwege het eenrichtingsverkeer. Ze voelen zich te weinig betrokken bij besluiten over de behandeling. (Bron: Patiëntenfederatie Nederland)

TYPISCH DE JONGSTE

18 nov

Gepubliceerd in ZIN 12, 20 oktober 2016.

Zijn oudsten echt altijd betweterige leiders? En jongsten verwende flierefluiters? Je plek in het ouderlijk gezin bepaalt (mede) je persoonlijkheid.

Het is een geweldig onderwerp voor feestjes. Vraag iemand naar zijn positie in de geboorterij, en de verhalen komen direct los. Over hoe een oudste nooit uit de band kon springen omdat ze altijd het goede voorbeeld moest geven. Of waarom een miskende middelste zich nimmer gehoord voelde. Wat te denken van de boze jongste, die – zelfs nu ze in de veertig is – door haar broers en zussen nooit serieus wordt genomen? En dan is er natuurlijk het enig kind, dat zich levenslang moet verantwoorden dat hij écht niet verwend of zielig is. Hoe oud je ook bent, je plek in het gezin blijft altijd dezelfde. Net als soms de frustraties daarover. Als je daar niets mee doet, kunnen dat minitrauma’s worden.

Rollen

In gezinnen zijn vaak duidelijke rolpatronen te herkennen. Dat werkt door in wie je bent, en in wat voor werk en partner je kiest. Niet voor niets zijn verrassend veel wereldleiders oudsten, functioneren veel middelsten als een spin in het web en gaan veel jongsten het creatieve pad op.

 ‘De oudste moet de wijste zijn.’ Dat is het eerste wat in Karin (1963) opkomt als ze aan vroeger denkt. Als oudste van drie zussen voelde ze zich altijd verantwoordelijk voor de jongere meisjes, des te meer toen haar ouders gingen scheiden. “Voor mijn gevoel moest ik het gezin bij elkaar houden, en mijn zussen beschermen”, vertelt ze. “Als volwassene vond ik het heel lastig om dat los te laten, daar heb ik echt aan moeten werken.”

Zus Elly (1965) vond de middelste een leuke plek. “Ik pikte van iedereen wat mee. Misschien dat ik daarom ook zo’n goede bruggenbouwer ben. Ik kan me makkelijk in verschillende posities verplaatsen. Bij discussies tijdens het eten was ik de natuurlijke scheidsrechter.” Natuurlijk zaten er ook minder leuke kanten aan de middelste zijn, bijvoorbeeld dat ze altijd in de schaduw van jongste zusje stond. “Daardoor werd ik meer verlegen. Het heeft lang geduurd voordat ik mezelf durfde laten horen.”

‘Baby’ Jacqueline (1968) beleefde naar eigen zeggen vooral een heel relaxte jeugd. “Laat Jacq maar gaan”, zeiden haar ouders altijd. Het gevolg was dat ze een enorme fladderaar werd. “Ik had duizend dromen en projecten en mocht die ook allemaal uitvoeren. Misschien dat dat voor mijn zussen wel eens frustrerend was.” Minder leuk vond ze dat er veel van haar werd weggehouden. “Ik ontdekte bijvoorbeeld pas jaren later dat Karin als tiener veel ellende heeft meegemaakt. Maar uit bescherming had niemand me dat ooit verteld.”

Extra

Het belang van je plek in de geboorterij werd voor het eerst in de 19e eeuw omschreven door psycholoog en antropoloog Francis Galton. Hij ‘ontdekte’ dat eerstgeborenen oververtegenwoordigd waren in de wetenschap. Zijn verklaring: oudste kinderen krijgen de meeste aandacht en het beste eten, en dat is bepalend bij de ontwikkeling van hun karakter. Dit idee werd verder uitgewerkt door de Oostenrijkse psycholoog Alfred Adler, een tijdgenoot van Freud. Volgens Adler zijn we vanaf onze geboorte verwikkeld in een Darwiniaanse overlevingsstrijd, waarbij we met broers en zussen vechten om de tijd, liefde en aandacht van onze ouders. Historisch gezien zijn ouders ook altijd verschillend met hun kinderen omgegaan, bepleitte hij. De oudste kreeg bijvoorbeeld eeuwenlang automatisch de macht. En de jongste werd het vaakst naar de oorlog gestuurd, want die was toch ‘extra’.

Een eenvoudige manier om jezelf en anderen beter te begrijpen: zo noemt de Britse klinisch psycholoog Linda Blair het inzicht in het belang van je plek de geboorterij. Na 25 jaar praktijkervaring viel het haar op dat uiteenlopende mensen die in hun families de oudste, middelste of jongste waren bepaalde karaktertrekken met elkaar gemeen hadden. Zo zag ze opmerkelijk vaak een groot verantwoordelijkheidsgevoel bij oudste kinderen, en dat jongsten gemakkelijker teleurgesteld worden. Middelsten laten zich volgens haar nogal eens overhalen, terwijl ze bij enig kinderen herhaaldelijk perfectionisme en zelfvertrouwen tegenkwam. Ze schreef er een paar jaar geleden een boek over, Je plaats in het gezin. Daarin legt ze uit dat geboortepositie zo’n belangrijke rol speelt, omdat die heel bepalend is voor de dynamiek tussen ouders en kinderen, en tussen kinderen onderling. Snappen wat je plaats in het gezin voor jou betekent, kan je volgens haar helpen om je positieve eigenschappen zo goed mogelijk te benutten en negatieve patronen te doorbreken.

Pionier tegen wil en dank

Iemand die zich daar zeker in herkent, is schrijfster en oudste dochter (van vier) Lisette Schuitemaker (1954). Samen met Wies Enthoven publiceerde ze het boek Het oudste dochter effect. “Ik heb me altijd zó anders gevoeld dan mijn jongere broers en zusje”, zegt ze. “Een buitenbeentje, verantwoordelijk voor niet alleen hen, maar eigenlijk de hele wereld. Om die reden werd ik bijvoorbeeld al heel vroeg vegetariër. En zo opstandig als de broer na mij was, zo braaf was ik.”

Schuitemaker vond het moeilijk om eeuwig en overal de eerste te moeten zijn – met sporten, op school, met vriendjes – en had het gevoel dat ze altijd vóór moest blijven op haar boers en zusje. Een pionier tegen wil en dank, zo omschrijft ze het. De druk die ze zichzelf hierover oplegde, werd uitvergroot door de verwachtingen van vooral haar moeder. Dat ze als eerste zou trouwen bijvoorbeeld (wat ze overigens niet deed).

“Als ik ooit kinderen krijg, wil ik een tweeling, dacht ik vroeger; dan is er tenminste geen oudste. En zag ik een advertentie in de krant voor de geboorte van een tweede, dan voelde ik direct medelijden met de broer of zus die van de troon was gestoten. Nu ik me meer in het onderwerp heb verdiept, snap ik dat ik constant aan mijn ouders probeerde te bewijzen dat ik hun liefde en aandacht nog steeds waard was, ook al moesten ze die uiteindelijk over vier kinderen verdelen. Maar dat begreep ik toen nog niet.”

Eenmaal volwassen realiseerde Schuitemaker zich dat ze zich, zowel in haar privéleven als op haar werk, onbewust met andere ‘oudsten’ had omringd. Bij hen voelde ze een onuitgesproken herkenning en een vanzelfsprekend begrip. Die bewustwording zorgde voor een aha-moment. “Vanaf dat moment ging ik mijn eigen ‘oudstengedrag’ steeds beter herkennen en begrijpen. Waarom ik altijd alles goed voor elkaar moet hebben bijvoorbeeld. Waarom ik er constant voor moet zorgen dat iedereen het naar zin zijn heeft en dat alles goed loopt. Oftewel: waarom ik het gevoel heb dat ik de wereld moet redden en mezelf constant wil bewijzen.”

Dat inzicht hielp haar om bewust te kiezen of ze er wel of niet in dat gedrag mee wilde gaan. “Ik ken nu mijn valkuilen – ik hoef de organisatie van een familiedag niet op me te nemen, of anderen altijd maar uit de brand te helpen. Dat geeft ruimte in mijn hoofd, en een gevoel van controle. Bovendien zie ik nu ook de positieve kant, en kan ik genieten van mijn verantwoordelijke, plichtsgetrouwe, voortvarende, zorgzame en serieuze oudstengedrag. Want het is natuurlijk ook hartstikke fijn om je zaakjes op orde te hebben en anderen te kunnen helpen.”

Betekenis

Je plaats in het gezin kan zeker veel betekenis hebben, denkt ook psychotherapeut Frans Schalkwijk (1957), schrijver van het onlangs verschenen boek Onvolmaakt tevreden, over omgaan met je innerlijke criticus. Maar nog veel belangrijker dan de volgorde is volgens hem welke betekenis je daaraan hecht. “We maken allemaal ons eigen verhaal over onze geschiedenis”, legt hij uit. “Een middelste kind kreeg vroeger misschien minder aandacht dan een oudste. Maar het werd ook meer met rust gelaten. Of dat een fijne ervaring was of niet, hangt er maar net vanaf welk verhaal je daarvan maakt, welke inkleuring je eraan geeft.”

Of je als volwassene een positieve of negatieve waarde toekent aan je plek in het gezin, is volgens hem van veel meer afhankelijk dan alleen de geboortevolgorde. Je temperament en de omstandigheden waarin je bent opgegroeid bijvoorbeeld, maar ook hoeveel jaar er tussen jou en je broers en zussen zit, en hoe zij de verschillen hebben ervaren. “De werkelijkheid is zoveel genuanceerder dan een etiket ‘oudste’ of ‘enig kind’. Je doet die geen recht aan door alles op je plek in het gezin te willen gooien.”

Dat is systeemtherapeut Marieke Borleffs (1964) helemaal met hem eens. Als je merkt dat je vastloopt in je leven, kan nadenken over de je positie in de geboorterij volgens haar één van de startpunten zijn om te onderzoeken waar je problemen vandaan komen. “Het zorgt voor herkenning en verbinding, en geeft woorden aan gevoelens die soms lastig uit te drukken zijn”, zegt ze. “Wat dat betreft kan het een handig hulpmiddel zijn. Maar als je er te veel waarde aan toekent, kan het je juist belemmeren om verder te komen. Dan hoor je bijvoorbeeld: ‘Ik kan niet veranderen, want als jongste kind ben ik nu eenmaal zo’.”

Hoe groter de druk, hoe meer mensen de neiging hebben om zich vast te bijten in ‘hun’ versie van de waarheid, aldus Borleffs. Dat merk je bijvoorbeeld rond kerst, of rond de verdeling van een erfenis. Beladen momenten waarop volwassen kinderen als vanzelf in hun oude rollen terugvallen, en genoegdoening willen voor de pijn waar ze al die jaren mee hebben rondgelopen. “Het moeilijkste is om te accepteren dat je daar geen erkenning voor krijgt”, zegt Schalkwijk. “Vaak hebben mensen hun hele leven wrok gevoeld voor het feit dat een ander kind het – in hun ogen – beter had, of meer aandacht kreeg. Maar als je vasthoudt aan die wens tot ‘herstelbetaling’, blijf je vastzitten in het verleden.”

Dat hoeft dus niet, benadrukken beide therapeuten. De eigenschappen die je hebt overgehouden aan je plek in het gezin zijn geen vast gegeven, maar strategieën die je hebt ontwikkeld om met je ouders, broers en zussen en met de omstandigheden om te gaan. Je hoeft je er dus heus niet bij neer te leggen dat je als middelste altijd een onzekere vrouw op de achtergrond zal blijven. “Als je inziet dat er niet één waarheid is, creëer je ruimte om een andere betekenis aan je ervaringen te geven. Op die manier herschrijf je je eigen verhaal”, verklaart Borleffs.

Dat betekent overigens niet dat je je karakter moet veranderen. Integendeel. Als het lukt om de pijn erover los te laten, kun je ‘trauma’s’ die aan je geboortepositie kleven omzetten in iets positiefs. “De feiten uit het verleden kun je niet veranderen”, besluit Schalwijk. “Maar de beleving en de betekenis die je eraan toekent wel. Aan jou de keus.”

[Kader]

En, klopt het een beetje…?

Of je er veel waarde aan echt of niet: de meeste mensen herkennen wel iets van zichzelf in de typische karaktertrekken van oudste, middelste, jongste en enig kinderen.

Oudsten

  • Kracht: Goede leiders. Betrouwbaar. Verantwoordelijk. Ambitieus. Georganiseerd. Harde werkers.
  • Keerzijde: Behoudend. Te veel controle willen. Bang voor afwijzing. Veel behoefte aan bevestiging. Moeilijk met mislukkingen kunnen omgaan. Snel te veel hooi op hun vork nemen.

Middelsten

  • Kracht: Echte teamplayers. Kunnen goed relativeren. Prima bemiddelaars.
  • Keerzijde: Met alle winden meewaaien. Toegeven aan groepsdruk. Te snel compromissen sluiten. Niet voor zichzelf opkomen.

Jongsten

  • Kracht: Ongecompliceerd. Creatief. Vindingrijk. Sociaal.
  • Keerzijde: Gebrek aan eigenwaarde. Opstandig. Veel behoefte aan aandacht. Ongeorganiseerd. Minder doelgericht. Snel anderen de schuld geven.

Enigen

  • Kracht: Zelfvertrouwen. Assertief. Georganiseerd. Kunnen goed zichzelf vermaken en alleen zijn.
  • Keerzijde: Ongemakkelijk voelen in groepen. Perfectionistisch. Ongeduldig. Veeleisend.

 

 

ALLES OVER HET GEHEUGEN

27 jul

2015-05 ZIN geheugen2015-05 ZIN geheugen2

Gepubliceerd in ZIN 6, mei 2015.

Waarom weet u meer van die vakantie 20 jaar geleden dan van die van vorig jaar? Wordt het geheugen echt beter van kauwgom kauwen? En wat is digitale dementie? U lees het in ZIN’s geheugendossier. 

Kralen in het brein

Herinneringen liggen verspreid in de hersenen opgeslagen, maar wel op vaste plekken. Mark Mieras, wetenschapsjournalist en schrijver van het boek Ben ik dat? Wat hersenonderzoek vertelt over onszelf, legt het zo uit: ‘Een herinnering bestaat uit tientallen kleine stukjes, die als losse kralen door het brein verstrooid liggen. Het zijn niet de kralen zelf, maar het is de draad die de herinnering schept door de kralen met elkaar te verbinden. Hoe vaker je een herinnering oproept, hoe sterker de draad wordt en hoe makkelijker je hem weer terughaalt. Als de draad door de tijd of de ouderdom verslijt, valt de ketting uit elkaar. Dan blijft alleen nog een bak met losse kralen over.’

7

Zoveel getallen, woorden of beelden kun je tegelijk in je kortetermijngeheugen opslaan. Die worden daar tien tot twintig seconden vastgehouden. Alleen als een waarneming belangrijk genoeg is, gaat hij verder naar een ander deel van de hersenen, de hippocampus. Dat is het centrale hersencentrum voor alles wat met leren en onthouden te maken heeft. Daar wordt de waarneming ‘klaargemaakt’ voor opslag in het langetermijngeheugen.

2 jaar

Zo lang kan het duren voordat een herinnering volledig in ons brein is vastgelegd. Om een herinnering ‘stevig’ te maken, zijn nieuwe zenuwverbindingen nodig. Het kost tijd om die aan te leggen. Pas als de juiste verbinding is gelegd, kan de herinnering definitief naar het langetermijngeheugen verhuizen. Of een herinnering daar wel of niet belandt, hangt af hoe van belangrijk we hem vinden. Aandacht is daarbij het sleutelwoord. ‘Zonder aandacht stromen je waarnemingen direct weg in het putje van de vergetelheid’, aldus schrijver Mark Mieras. ‘Maar geef je véél aandacht aan iets, bijvoorbeeld omdat je het belangrijk of interessant vindt, dan is de kans groot dat de waarneming een vast plekje in je geheugen krijgt. Hoe vaker je de herinnering vervolgens terughaalt, hoe steviger hij daar blijft zitten.’

100 terrabytes

Hoeveel informatie past er in ons geheugen? Daar zijn de geleerden nog niet over uit. Een getal dat vaak wordt genoemd is 100 terabytes. Ter vergelijk: één terabyte aan informatie komt ongeveer overeen met alle tekst uit een grote universiteitsbibliotheek. Dit aantal is echter een wilde gok. Herinneringen liggen namelijk niet vast op één plek in het brein, zoals gegevens op een harde schijf van een computer; het zijn dynamische netwerkjes. Alles wat we leren en opslaan moet op een of andere manier in verband worden gebracht met wat we al weten. Hoe het brein die nooit eindigende taak volbrengt (en hoeveel ruimte daarvoor is), is nog steeds niet opgehelderd.

Chunking

Een mobiel nummer heeft tien cijfers. Te veel om goed in je kortetermijngeheugen te prenten (want daar passen immers maximaal zeven items in). Gelukkig is er een trucje om dit probleem te ondervangen: chunking. Oftewel, informatie bundelen in logische brokjes. Het telefoonnummer 06-12345678 kun je opbreken in tien losse getallen, maar ook in 0, 6, 12, 34, 56 en 78. Zo hoef je opeens maar zes cijfers te onthouden.

Zo is het gegaan. Toch?

Herinneringen zijn niet statisch; iedere keer dat je ze oproept, veranderen ze. Alles wat ons in het heden overkomt, heeft invloed op wat we al eerder in ons geheugen hebben opgeslagen. Simpel gezegd: onze standpunten van nu kleuren onze herinneringen van vroeger. Terwijl we ouder worden, ontwikkelt ons geheugen zich dus mee. Een goed voorbeeld is het krijgen van kinderen. Door die ervaring veranderen de herinneringen aan onze eigen jeugd, zo heeft onderzoek uitgewezen. Stel, vóór de geboorte van uw kind herinnerde u uw ouders als autoritair. Maar als u zelf duidelijke regels voor uw kinderen gaat stellen, lijkt uw eigen opvoeding opeens een stuk minder streng. Niet alleen dat, de herinnering die u daaraan had, kan daadwerkelijk veranderen. Terugkijkend herinnert u uw ouders dan opeens als ‘tamelijk makkelijk’.

Vroege herinneringen

De meeste volwassenen kunnen zich maar één of twee gebeurtenissen voor hun vierde jaar herinneren. En voor hun derde jaar helemaal niets. Dat komt waarschijnlijk omdat heel jonge kinderen nog niet in staat zijn om ervaringen naar woorden te vertalen. Daardoor lukt het niet herinneringen vast te pinnen in het brein.

In beweging

Dat sporten goed is voor ons lijf, wisten we al. Maar het stimuleert óók het geheugen. Wetenschappers van de Californische Irvine’s Center for the Neurobiology of Learning & Memory bestudeerden vijftig volwassenen tussen de 50 en 85 jaar oud. De helft was mentaal fit, de andere helft had geheugenproblemen. Iedereen kreeg allereerst plaatjes te zien van dieren en de natuur. De participanten werden vervolgens onafhankelijk van hun mentale staat in twee groepen opgedeeld. De ene helft fietste zes minuten, terwijl de andere helft niets deed. In de geheugentest die een uur later volgde, scoorde de sportende groep beduidend beter. De reden? De extra doorbloeding tijdens bewegen houdt hersencellen waarschijnlijk in conditie. Bovendien stimuleert het de aanmaak van nieuwe cellen in het geheugencentrum.

Pijnlijke herinneringen wissen  

Wetenschappers van de Radboud Universiteit in Nijmegen zijn er in geslaagd om herinneringen te wissen uit het geheugen van mensen met een ernstige depressie, zo meldden zij onlangs in het tijdschrift Nature Neuroscience. De onderzoekers lieten 42 proefpersonen eerst kijken naar twee onplezierige fotoseries, van een auto-ongeluk en een mishandeling. Een week later kregen de patiënten één van de twee fotoseries nog eens te zien, waarna ze een elektrische schok ontvingen. Meteen na deze stroomstoot konden de proefpersonen veel vragen over de laatst vertoonde fotoreeks nog goed beantwoorden. Maar een dag later herinnerden ze zich nauwelijks nog iets van de beelden. De fotoreeks die ze niet vlak voor de elektroshock hadden gezien, maar alleen een week eerder, konden ze zich nog wel voor de geest halen. Volgens hoofdonderzoeker Marijn Kroes toont de techniek aan dat herinneringen vlak nadat ze opnieuw worden opgehaald door het brein, vatbaar zijn voor verstoring en kunnen worden gewist. De experimentele techniek biedt nieuwe aanknopingspunten om mensen van trauma’s af te helpen.

Het is de ouderdom (of toch niet?)

Eind jaren negentig kwamen onderzoekers in de hersenen van vijf oudere mensen piepjonge hersenencellen tegen. Daarmee was voor het eerst aangetoond dat zenuwcellen en verbindingen in de hersenen zich continu vernieuwen. Het idee dat je met het ouder worden steeds vergeetachtiger en dommer wordt omdat je hersenen afsterven, klopt dus niet. Kennis terugvinden gaat met het verstrijken van de jaren wel minder vlot. Dat heeft onder andere te maken met een tragere bloedsomloop en met een stroevere werking van het geheugencentrum, de hippocampus. Ook de afbraak van verbindingen tussen zenuwcellen – die overigens al rond je dertigste begint – zorgt ervoor dat je herinneringen op den duur minder makkelijk terugvindt.

Bij de tijd

Steeds minder ouderen lijden aan ‘leeftijd gerelateerd geheugenverlies’. Tussen 1993 en 2002 daalde het percentage (Amerikaanse) 70-plussers met geheugenproblemen van 12,2 naar 8,7 procent, blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Michigan. De verklaring? Hedendaagse 70-plussers zijn beter opgeleid dan vorige generaties (en trainen hun brein dus beter). Ook hebben ze een gezondere leefstijl en laten zij zich vaker tijdig behandelen voor hoge bloeddruk en hoog cholesterol (waardoor ze minder problemen hebben met de vaten in de hersenen).

Als de dag van gisteren

De zomervakantie op hun 15e staat veel mensen nog helder voor de geest. Maar het hotel waar ze vorig jaar waren… Het is een raar gegeven dat we gebeurtenissen van lang geleden soms beter weten op te diepen dan recente herinneringen. Dat heeft ermee te maken dat het geheugen in de tienerjaren in optimale conditie is. Maar ook met het feit dat gebeurtenissen in die periode vaak een diepe indruk achtergelaten. ‘In die fase van het opgroeien maak je veel dingen voor het eerst mee’, verklaart psycholoog Douwe Draaisma, schrijver van onder andere Het vergeetboek. ‘Je eerste liefde, voor het eerst alleen op vakantie, je eerste eigen huis. Dat zijn allemaal gebeurtenissen die verhoudingsgewijs met veel aandacht worden vastgelegd. Bovendien vormen ze een referentiekader voor je latere leven. Je denkt er daardoor vaak aan terug. Alles bij elkaar maakt het dat die herinneringen beter zijn verankerd dan veel gebeurtenissen uit het recente verleden.’

Replay

Tijdens je diepe slaap speelt het geheugencentrum in de hersenen herinneringen steeds opnieuw versneld af. ‘Replay’, noemen wetenschappers dat. Het zorgt ervoor dat herinneringen steviger komen vast te liggen. Het oude adagium dat je voor een examen beter vroeg naar bed kunt gaan dan de hele nacht door te leren, klopt dus echt.

Andersom is het zo dat een slaaptekort de kans op valse herinneringen vergroot. Als mensen na een nacht zonder slaap worden geconfronteerd met foto’s van een misdrijf, onthouden ze minder goed wat ze hebben gezien, meldden Amerikaanse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Psychological Science. Ze lieten 104 studenten foto’s zien van een portemonnee die op straat uit iemands tas werd gestolen. In het tweede deel van het experiment kregen de studenten verklaringen te lezen die tegenstrijdigheden bevatten met de foto’s. Volgens de beschrijvingen verborg de zakkenroller de portemonnee bijvoorbeeld in zijn broekzak, terwijl op de foto te zien was geweest dat hij die in zijn jas had gestopt. Proefpersonen die vóór het experiment een nacht niet hadden geslapen, namen dit soort verklaringen veel vaker voor waar aan. Ze geloofden achteraf dat ze de valse details daadwerkelijk op de foto’s hadden gezien.

Schijnherinneringen

Niets is zo verraderlijk als het geheugen. Dat bleek wel uit een experiment dat tien maanden na de Bijlmerramp in 1992 werd gedaan. Psychologen vroegen toen aan studenten en juristen of ze de (niet bestaande!) film hadden gezien die was gemaakt op het moment dat het vliegtuig op de flat in de Bijlmer stortte. Meer dan de helft meende dat ze deze film inderdaad hadden gezien. Ze beantwoordden zelfs detailvragen over de inhoud ervan. Conclusie: met het verstrijken van de tijd, vergeten we niet alleen steeds meer. Hoe slechter de herinnering, hoe groter ook de kans dat onjuiste fantasieën, speculaties of suggesties in ons brein wortelschieten en voor waar worden aangenomen.

Dit heb ik eerder meegemaakt…

De bekendste vorm van een schijnherinnering is het déjà vu: het gevoel dat je iets al eens eerder hebt gezien of meegemaakt, terwijl je weet dat dit niet zo is. Naar schatting 60 procent van de volwassenen ervaart dit verschijnsel wel eens. Het werkt zo. We slaat allerlei herinneringen op die niets te maken hebben met eigen ervaringen, zoals informatie uit kranten, boeken en films. Als we iets meemaken wat veel overeenkomsten vertoont met een van die opgeslagen herinneringen, kan het voelen alsof we het al een keer hebben beleefd. Maar in feite is zo’n déjà vu niet meer dan een foutje in de registratie van een beeld dat onze hersenen binnenkomt.

Ogen dicht

Probeert u zich uit alle macht iets te herinneren? Doe dan uw ogen dicht. Ons geheugen werkt namelijk effectiever als we ons afsluiten van de buitenwereld. Dat blijkt uit recent onderzoek van de Britse Universiteit van Surrey. Het blokkeren van de afleidingen om ons heen helpt om zaken (en zeker belangrijke details) beter terug te halen.

Digitale dementie

Het Google-effect: daar waarschuwt de Duitse geheugenonderzoeker Manfred Spitzer in zijn recente boek Digitale dementie voor. Doordat veel van ons denkwerk is overgenomen door internet gaat ons geheugen achteruit, stelt hij. Spitzer: ‘Onze hersenen functioneren als een spier: als ze gebruikt worden, dan groeien ze. Worden ze niet getraind, dan verschrompelen ze.’ Hij verwijst onder meer naar Engels onderzoek onder taxichauffeurs. Alleen bij taxichauffeurs die veel routes hadden ingestudeerd, was er een toename van het aantal verbindingen in de hippocampus zichtbaar. Maar Amerikaanse collega’s van de Duitse hoogleraar zijn veel minder somber. Volgens hen past ons geheugen zich juist aan de nieuwe ontwikkelingen aan. Studenten onthouden nu eerder hoe ze het antwoord op een vraag kunnen vinden dan dat ze het antwoord zelf onthouden. ‘Transactief geheugen’ noemen ze dat. Op die manier worden we volgens hen juist steeds slimmer.

100 dagen

Zoveel tijd schijnen we gedurende ons leven gemiddeld te besteden aan het zoeken naar spullen. Het loont dus echt om die sleutels op een vaste plek op te bergen, zodat u nooit meer vergeet waar ze zijn!

Vier de vergeetachtigheid

Zou het niet heerlijk zijn als je alles zonder problemen kon onthouden? Helemaal niet! Sterker nog, vergeten is eigenlijk een zegen. Onze hersenen hebben de taak om ons te helpen omgaan met alle verwachte en onverwachte gebeurtenissen in ons leven. Om hun werk goed te kunnen doen, moeten ze orde scheppen in de chaos van alle indrukken die we binnenkrijgen. Alleen de herinneringen die de hersenen helpen bij hun taak mogen blijven. Alle anderen worden onherroepelijk verwijderd. En gelukkig maar. Want als je alles wat je zag, rook, hoorde, proefde of voelde zou opslaan in je lange termijngeheugen, zou je gek worden van alle nutteloze informatie in je hoofd.

Gevangen in het nu

Verleden en toekomst liggen in de hersenen dicht bij elkaar. De ziekte van Alzheimer tast hierdoor niet alleen het geheugen, maar ook de verbeelding van de toekomst aan. Patiënten met Alzheimer zitten als het ware gevangen in een eeuwig ‘nu’, zonder te begrijpen hoe het leven gisteren was of hoe het er morgen uit zou kunnen zien.

Hersengymnastiek

De hersenen laten je hele leven lang nieuwe zenuwcellen groeien. Oude cellen creëren onderling bovendien steeds nieuwe verbindingen. Hoe meer we onze hersenen gebruiken, hoe meer nieuwe cellen en verbindingen er worden aangemaakt en hoe beter ons geheugen wordt. ‘Dat vergt wel een serieuze aanpak’, aldus schrijver Mark Mieras. ‘Je moet vooral hersengebieden trainen die zwak zijn. De meeste mensen gebruiken juist bij voorkeur hun sterke gebieden. Wie goed kan rekenen maakt graag sommetjes. Maar je hebt pas iets aan hersentraining als je oefent waar je niet goed in bent.’

Een andere belangrijke factor is motivatie. Mark Mieras: ‘Mensen die heel gemotiveerd zijn, hebben meer baat bij geheugentraining. Het is dus handig om voor je hersenen uitdagingen te verzinnen waar je enthousiast van wordt. Speel bijvoorbeeld regelmatig een spelletje Memory of ik-ga-op-reis-en-ik-neem-mee met de (klein)kinderen. Zet geen nummers meer in je telefoon, maar leer ze uit je hoofd. Schaf het boodschappenlijstje af. Laat je TomTom thuis. Maak bovenal korte metten met de routine in je leven. Want van sleur worden je hersens sloom.’

Overigens moet het effect van geheugenoefeningen ook weer niet worden overschat. Volgens psycholoog Douwe Draaisma helpen ze je weliswaar om namen of feiten beter te onthouden, maar neemt de totale geheugencapaciteit er niet door toe. ‘Geheugenspelletjes hebben alleen zin als je één specifieke functie wil trainen, bijvoorbeeld het leren van Italiaanse woordjes of het maken van sudokupuzzels. Gezichten van mensen of dingen de je overkomen, ga je er niet beter van onthouden.’

Walnoten en kauwgom

Kauwgom kauwen zou het bloed dat naar de hersenen stroomt zuurstofrijker maken, waardoor er makkelijker verbindingen tussen zenuwcellen worden gelegd. Het eten van zalm en walnoten moet het herinneren makkelijker maken. En het extract van de boom Ginkgo Biloba wordt verkocht als geheugenverbeteraar. Maar is daar nu echt iets van waar?

Vast wel een beetje, denkt psycholoog Douwe Draaisma. Maar we doen er goed aan om dat soort beweringen wel met een flinke korrel zout nemen, meent hij. ‘Gezond eten en regelmatig bewegen is goed voor je hele lichaam, dus óók voor je hersenen. Maar het effect ervan op je geheugen is heel klein. En er is nog niet één voedingsupplement op de markt gebracht waarvan bewezen is dat het de geheugencapaciteit echt verbetert.’

Volgens Draaisma zijn vooral tekorten aan bepaalde stoffen slecht voor je geheugen. Te weinig glucose (suiker) bijvoorbeeld zorgt voor minder aceltylcholine in de hersenen, een stof die nodig is om de verbindingen tussen de zenuwcellen mogelijk te maken. Vooral ’s ochtends is het belangrijk voldoende glucose tot je te nemen, omdat het brein dan om voedsel schreeuwt na een hele nacht niets te hebben ‘gegeten’. Stevig ontbijten dus! En een chronisch gemis aan vitamine B1 kan het Syndroom van Korsakoff (geheugenverlies) veroorzaken. Douwe Draaisma: ‘Tekorten van dat soort stoffen opheffen helpt. Maar andersom werkt het helaas niet. Een overschot aanleggen van glucose of vitamine B1 geeft geen beter geheugen.’

Wie schrijft, die blijft

Met de hand notities maken, zorgt ervoor dat we informatie beter onthouden  dan wanneer je een computer gebruikt. Dat blijkt uit een onderzoek uit 2014 van de Amerikaanse Princeton University. 65 studenten bekeken een lezing over een interessant, maar onbekend onderwerp. Met een laptop of een notitieboekje maakten ze aantekeningen. Vervolgens kregen ze drie andere opdrachten om ze af te leiden. Een half uur later maakten ze een test over de informatie die in de lezing besproken was. De laptopgebruikers en schrijvers bleken evenveel feitelijke vragen juist te beantwoorden. Maar de studenten die aantekeningen maakten op een notitieblok scoorden beter op conceptuele vragen, die meer inzicht vereisten. Een week later wisten de schrijvers zich nog steeds meer te herinneren van de lezing. Vermoedelijk omdat de informatie door hen beter was verwerkt.

Het valt best mee

Een laatste wijze tip van de Harvard Medical School: heilig geloven dat uw brein achteruit sukkelt met het komen van de jaren werkt als een ‘self fulfilling prophecy’. Hun onderzoek toonde aan dat senioren geheugentesten minder goed doen als ze vooraf blootgesteld worden aan negatieve stereotypen over ouderdom en een achteruithollend geheugen. Heel wat beter waren de resultaten wanneer mensen vooraf geconfronteerd werden met positieve berichten over hoe je geheugen getraind kan blijven tot op vergevorderde leeftijd.

Memory voor volwassenen

Memory spelen kinderachtig? Niet met het Dutch Design Memory Game. De opdracht is simpel: vind twee kaarten met objecten van dezelfde Nederlandse ontwerper. Er zijn trouwens ook allerlei andere volwassen uitvoeringen van het spel te krijgen, bijvoorbeeld over Amsterdam of Vincent van Gogh.

BIS Publishers, € 15,00. Onder andere te bestellen via bol.com.

Collectief geheugen

Het Geheugen van Nederland is een beeldbank waar u online de collecties van musea, archieven en bibliotheken kunt bekijken. De beeldbank geeft toegang tot het gedigitaliseerde erfgoed van meer dan honderd instellingen en biedt prachtig beeldmateriaal van onder meer foto’s, beelden, schilderijen, keramiek, moderne kunst, tekeningen, postzegels, affiches en krantenknipsels. Naast beeldmateriaal is er ook video en geluid te bekijken en te beluisteren.

Geheugenvannederland.nl

Geheugenapps

  • Einstein Hersengymnastiek: dertig oefeningen in de categorieën geheugen, logica, rekenen en zicht. (Gratis basisversie. Het complete programma kost € 4,99.)
  • Memorando Breinspellen: je geheugen, concentratie en reactievermogen verbeteren met vijftien spellen op meer dan 450 niveaus (€ 3,99 per maand).
  • Memory: van de digitale versie van het aloude spel zijn verschillende apps te vinden.
  • Lumosity: een professionele en uitgebreide app waarmee je je geheugen en aandacht kunt trainen. De eerste vijf sessies zijn gratis. Mocht je verder willen spelen, dan betaal je €7,99 per jaar. (Engelstalig)

Websites om je geheugen te verbeteren

  • De online braintraining van Neurocampus.nl (het grootste braintrainingplatform van Nederland met 185.000 leden) is ontwikkeld in samenwerking met TNO en experts uit de zorg en de wetenschap. Op deze website kunt u vijf cognitieve vaardigheden trainen: taal, rekenen, inzicht, geheugen en logica. Tien minuten per dag oefenen zou al resultaat moeten opleveren.
  • De Universiteit van Amsterdam biedt een gratis online geheugenverbeteringscursus aan. Hierin leert u verschillende technieken om dingen beter te onthouden. Memory.uva.nl/training/geheugenverbetering
  • Op Memorando.nl geef u aan aan welke vaardigheden u wilt verbeteren, waarna er dagelijks vijf spellen voor u worden geselecteerd die passen bij uw persoonlijke doelstellingen.

Meer lezen?

  • Tony Buzan, Verbeter uw geheugen in weinig tijd (Deltas 2009).
  • Douwe Draaisma, Vergeetboek (Historische Uitgeverij 2010).
  • Douwe Draaisma, De heimweefabriek – Geheugen, tijd en ouderdom (Historische Uitgeverij 2008).
  • Mark Mieras, Ben ik dat – Wat hersenonderzoek vertelt over onszelf (Nieuw Amsterdam 2009).
%d bloggers liken dit: