Tag Archives: Ginette Klein

HOUD ELKAAR OVEREIND

9 apr

RA02_74TM77_MANTELZORG jpg1

Gepubliceerd in Radar+, nr 2/2020. (Foto: Wout Jan Balhuizen)

Journaliste Marte van Santen (44), haar moeder en haar stiefvader mantelzorgen al meer dan drie decennia voor elkaar. Hoe houden ze dat vol? Ze gingen samen om tafel en kwamen met deze tips uit de praktijk. 

Toen ik acht was, trouwde mijn moeder met een lieve, slimme en zorgzame man. De perfecte match voor haar, aangezien ze in haar leven al heel wat (met mannen) te verduren had gehad. 36 jaar later zijn zij en mijn stiefvader nog altijd gelukkig samen. Maar de weg die ze hebben bewandeld (en ik met hen), ging niet over rozen.
Niet lang na hun huwelijk, bleek mijn stiefvader serieuze psychiatrische klachten te hebben. Als gevolg daarvan werd hij volledig afgekeurd. Vanaf dat moment was mijn moeder de kostwinner. Omdat zij van huis uit werkte, waren we altijd met z’n drieën thuis. Heel gezellig, maar ook zwaar. De ziekte van mijn stiefvader maakte hem namelijk vaak erg somber. Verder waren zijn stemming en gedrag onvoorspelbaar. Mijn moeder en ik hadden er een flinke kluif aan om niet alleen hem zo goed mogelijk te steunen, maar ook onszelf staande te houden. Bovendien bleken zijn klachten chronisch — verschillende behandelingen haalden weinig uit. Zo werden we van het ene op het andere moment mantelzorgers. Na al die jaren zijn we dat nog steeds.
Maar mijn stiefvader werd het in de loop van de tijd óók. Zo worstelde mijn moeder lang met extreem pijnlijke rugklachten, waardoor ze bijna niets meer kon. Twee jaar geleden kreeg ze bovendien een chronische aderontsteking (vasculitis). De noodzakelijke behandelingen zijn ingrijpend en invaliderend. Zelf werd ik zeven jaar geleden getroffen door borstkanker. De aanpak: een operatie, dertig bestralingen, zestien keer chemotherapie, drie maanden immunotherapie en zeven jaar hormoontherapie.
Gelukkig ben ik zelf goed hersteld. Maar je kunt gerust stellen dat mijn moeder, mijn stiefvader en ik inmiddels door de wol geverfde mantelzorgers zijn. Met vallen en opstaan vonden we uit wat dat betekent en hoe we onszelf niet in die zorgrol konden verliezen. We zetten onze belangrijkste tips voor je op een rij. 

  1. Lees, lees, lees
    Zorg dat je zoveel mogelijk informatie over de aandoening van je naaste verzamelt. Wat is het precies? Hoe gaat het zich ontwikkelen? Wat betekent dat voor het dagelijkse leven? Wat is de best mogelijke zorg? Als je snapt wat er aan de hand is en wat je kunt verwachten, geeft dat (een klein beetje) grip. Bovendien weet je dan beter wat je wel en niet kunt doen om te helpen.
  2. Maak tijd voor jezelf
    Tijd om dingen te doen waar je van houdt. Wandelen bijvoorbeeld, of tekenen, of in de tuin werken. Liefst op vaste tijden, zodat je me time er niet snel bij inschiet. Maak daarover afspraken met degene voor wie je zorgt. Leg uit dat je dat dagelijkse uurtje Netflixen echt nodig hebt om je verstand op nul te zetten en op te laden. Des te meer heeft de zieke de rest van de tijd aan je. Neem ook regelmatig even fysiek afstand van elkaar. Al is het maar door iets in een andere kamer te gaan doen of alleen een wandelingetje te maken.
  3. Realiseer je dat iemand die ziek is verandert
    Sommige mensen worden heel angstig, anderen sluiten zich af. Weer anderen gaan zich veeleisend gedragen. De kunst is om de persoon waarvan je hield vóór hij ziek werd los te zien van de patiënt. Haal bijvoorbeeld regelmatig samen goede herinneringen op. En houd een dagboekje bij, waarin je niet alleen de moeilijke, maar ook de fijne momenten vastlegt.
  4. Een dagboekje is om nog een reden handig
    Schrijf daarin ook dagelijks even op hoe je je zelf voelt. Heb je iets voor jezelf kunnen doen en zo ja, wat? Of zo nee, waarom niet? Had dat anders gekund? Daar leer je van. Het is ook makkelijk om dingen terug te zoeken. Hoe ging dat toen ook alweer? Wanneer zijn de klachten erger geworden? Dat schrijven hoeft overigens niet veel tijd te kosten, een paar zinnen paar dag is al genoeg.
  5. Laat degene voor wie je zorgt in zijn waarde
    Neem niet alles over. Maak hem of haar niet afhankelijker of zwakker dan nodig, hoe bezorgd je ook bent. Kijk vooral naar wat de ander nog wél kan en probeer dat te stimuleren. Kortom: spreek het gezonde deel in de ander aan. Dat is goed voor de zieke (die zich vaak toch al hulpeloos en lastig voelt) en goed voor jezelf (omdat je wat dingen kunt overlaten).
  6. Waak ervoor dat je daar niet teveel in meegaat in de zorgen en angsten van de ander
    Merk je dat dat soort gevoelens je toch overmannen, schroom dan niet om professionele hulp voor jezelf te zoeken, bijvoorbeeld bij een psycholoog. Het kan ook fijn zijn om in een lotgenotengroep ervaringen te delen. Voel je daar vooral niet schuldig over. Als het jou allemaal teveel wordt, heeft degene voor wie je zorgt daar ook niets aan.
  7. Besef je: zorgrelaties zijn ingewikkeld
    Eén van de gevaren is dat je de ander te veel wilt beschermen. Die heeft het immers al zo moeilijk. Dus houd je je eigen sores maar voor je. Heel menselijk, maar het komt de gelijkwaardigheid in de relatie (die bij ziekte toch al onder druk staat) meestal niet ten goede. Blijf je eigen problemen dus delen. Zieke mensen vinden het meestal juist fijn als je ze op die manier bij je leven betrekt. Het geeft hen het gevoel dat ze nog meetellen. Bovendien relativeert het om te weten dat anderen óók worstelen. 

[Kader]
Hulp en ondersteuning
Er zijn veel verschillende organisaties die mantelzorgers ondersteunen, van patiëntenorganisaties tot verzekeraars en gemeenten. Een paar tips van twee professionals, Ginette Klein van de mantelzorglijn van MantelzorgNL en Gerjoke Wilmink, directeur van Alzheimer Nederland:

  • Samen de zorg voor iemand delen is vaak knap ingewikkeld. Dan kan een digitaal hulpmiddel uitkomst bieden. Je plant daarin afspraken en bezoekschema’s en wisselt informatie uit. Ook kun je aangeven wie welke zorgtaken op zich neemt. Dat bespaart tijd, voorkomt misverstanden en geeft rust. Voorbeelden van zulke digitale hulpjes zijn: carenzorgt.nl, miessagenda.nl, sharecare.nl en mantelplan.nl. Voor mantelzorgers van Alzheimerpatiënten is er Myinlife van Alzheimer Nederland. 
  • Wil je liever niet iemand uit je eigen omgeving om hulp vragen? Dan kun je ook denken aan een vrijwilliger. Er zijn in Nederland wel zo’n 450.000 vrijwilligers actief in de zorg. Denk aan maatjes en buddy’s, vrijwillige thuiszorg of georganiseerde burenhulp. 
  • Kijk ook naar de mogelijkheden om zorgtaken over te dragen. Incidenteel, zoals tijdens een vakantie, of structureel, bijvoorbeeld elke week een dagdeel. Zie voor tips mantelzorg.nl. Check ook bij het Wmo-loket van je gemeente en bij je zorgverzekeraar wat zij aan mantelzorgondersteuning of vervangende zorg bieden.
  • Op mantelzorgpower.nl van de Stichting Werk & Mantelzorg vind je een overzicht van (wettelijke) regelingen die je kunnen helpen om mantelzorg en werk te combineren. Denk aan kort- of langdurig zorgverlof of calamiteitenverlof. Daarnaast biedt de site tips over hoe je hierover met je leidinggevende in gesprek kunt gaan.

[Kader]
Cursus en lotgenotencontact
Veel gemeenten, zorginstellingen, patiëntenverenigingen en organisaties voor mantelzorgondersteuning bieden speciale cursussen voor mantelzorgers. Onder leiding van een professional krijg je inzicht in je eigen zorgsituatie, leer je knelpunten herkennen en krijg je tips over hulp vragen en ondersteuningsmogelijkheden. Een belangrijk onderdeel is ook het delen van ervaringen met lotgenoten.
Geen tijd of mogelijkheid om naar een cursus te gaan? Dan kun je online terecht. Op internet vind je verschillende programma’s die je kunnen helpen om als mantelzorger in balans te blijven. 

  • Coachfriend Mantelzorg is een online programma van tien weken met digitale begeleiding van een coach. Hierin werk je aan de hand van opdrachten aan je persoonlijke ontwikkeling en veerkracht. Gratis voor leden van MantelzorgNL (kosten lidmaatschap: € 23,00 per jaar). Voor niet leden € 298,00. mantelzorg.nl
  • De zorg de baas van Centrum voor Mantelzorg Markant (gratis). In acht online lessen leer je onder andere over omgaan met gevoelens, hulp durven vragen en communicatie en assertiviteit. markant.org
  • Voor mantelzorgers van mensen met psychische problemen zijn er de gratis online cursussen Hoe gaat het met u? en Als de zorg te zwaar is van GGZ-instelling Arkin. mijnihelp.nl.
  • Als mantelzorger van iemand met dementie kun je via dementelcoach.nl een persoonlijk coachingstraject aanvragen: een aantal gesprekken met een zorgprofessional die veel ervaring heeft met dementie. Check vooraf of je zorgverzekeraar of gemeente de kosten vergoedt. Meer informatie en tips over mantelzorg bij dementie: alzheimer-nederland.nl en dementie.nl.

[Kader]
Mantelzorgmakelaar
Word je gek van al het regelwerk en de administratieve rompslomp die bij de zorg voor een ander komt kijken? Dan kan een mantelzorgmakelaar uitkomst bieden. Die helpt je bijvoorbeeld met:

  • het invullen van formulieren;
  • het aanvragen van een indicatie of een persoonsgebonden budget;
  • het op orde krijgen van de administratie;
  • afspraken maken met je werkgever.

Zoek een organisatie voor mantelzorgondersteuning in de buurt en vraag of die een mantelzorgmakelaar in dienst heeft. Je kunt ook kijken op de website van zelfstandig werkende mantelzorgmakelaars: bmzm.nl. Let op: voor de hulp van deze zelfstandigen moet je zelf betalen. Informeer bij je zorgverzekeraar of die daar een vergoeding voor heeft.

 

 

DOSSIER: ZORGEN VOOR JE OUDERS

2 mei

Gepubliceerd in Margriet 18, 29 april 2016.

Je moeder begint oud te worden. Ze heeft het ene gezondheidsprobleem na het andere, moet vaak naar de dokter en is een stuk minder actief dan vroeger. Ook al beweert ze dat ze jouw hulp niet nodig heeft, je merkt aan alles dat ze die steun juist heel goed kan gebruiken. Hoe pak je dat aan? En hoe voorkom je dat je er zelf aan onderdoor gaat?

[Tekstblok]

Niet tot last

Met de vergrijzing op komst neemt het aantal ouders dat hulp nodig heeft alleen maar toe. De helft van alle Nederlanders vindt het heel vanzelfsprekend dat je zo nodig voor je ouders zorgt, zo blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) uit 2015. Opvallend hebben vooral jongeren tussen de 18 en 25 jaar die mening; van hen vindt 80 procent dit. Zodra we zelf ouder zijn, denken we minder vaak dat onze kinderen voor ons zouden moeten zorgen. Zo meent van de 55-plussers nog maar 34 procent dat kinderen verantwoordelijk zijn voor de zorg van ouders. Dat komt omdat we ze vooral niet tot last willen zijn. In de praktijk zijn het trouwens vooral 45-plussers die ouders bijstaan.

[Tekstblok]

Als (een van) je ouder(s) plotseling hulpbehoevend wordt, staat je wereld op zijn kop. Het moment breekt aan dat jij voor je ouders moet gaan zorgen, in plaats van andersom. Dat is confronterend, en soms ook pijnlijk. Hoe ga je daarmee om? We vroegen het familietherapeut Else-Marie van den Eerenbeemt, schrijfster van onder andere het boek Door het oog van de familie: liefde, leed en loyaliteit.

“Tenzij je ouders heel jong overlijden, wordt iedereen op een gegeven moment de ouder van zijn ouders; het hoort bij de cyclus van het leven. Maar dat maakt het nog niet makkelijk. Wat kan helpen is om je te richten op een gevoel van dankbaarheid. Voor wat je ouders voor jou hebben betekend en wat jij in deze fase voor hen kan betekenen.”

Veel ouderen willen hun kinderen niet met hun zorg belasten, bleek onlangs uit onderzoek van het CBS.

“Begrijpelijk, want als ze zelf voor hún ouders hebben gezorgd, weten ze hoe zwaar het kan zijn. Toch is het belangrijk om je kinderen die kans te bieden. Uit onderzoek dat ik zelf heb gedaan kwam namelijk naar voren dat voor je ouders zorgen bijdraagt aan je eigen welzijn. Het geeft een gevoel van waardering en verbondenheid.”

Hoe maak je het onderwerp bespreekbaar als je ouders zelf vinden dat ze geen hulp nodig hebben, of ze die niet accepteren?

“Vooropgesteld: het is voor niemand makkelijk om hierover te praten. Neem er de tijd voor, doe het in stapjes. Zeg niet meteen: ‘ik vind dat jullie moeten verhuizen’, maar begin bijvoorbeeld met het meenemen van wat extra boodschappen. Het allerbelangrijkste is om je ouders in hun waarde te laten.”

Hoe doe je dat?

“De sleutel is het gesprek te beginnen met te zeggen dat je zo blij bent met wat je ouders allemaal voor jou hebben gedaan, en dat je heel graag iets wilt terugdoen. Laat blijken dat je snapt dat het moeilijk en verdrietig is, maar dat je er samen het beste van wilt maken. Wat ook goed kan werken, is om kleinkinderen het ‘breekijzer’ te laten zijn. Die zijn vaak minder bedreigend, waardoor (groot)ouders meer van ze accepteren.”

Wat als je een slechte relatie met een of beide ouders hebt en helemaal niet voor ze wíl zorgen?

“Zelfs dan geldt: iets doen is beter dan niets doen. Na hun overlijden helpt dat om sneller met je gevoel in het reine te komen. Realiseer dat je je ouders niet meer kan veranderen.”

Hoe voorkom je dat je ruzie met broer(s) of zus(sen) krijgt?

“Onderlinge waardering is heel belangrijk. Als broers en zussen oog hebben voor elkaars inspanningen, blijft het meestal wel goed gaan. Het wordt lastiger als er één grote ‘gever’ is, die geen ruimte aan anderen biedt om ook wat te doen, of die niet inziet dat de anderen ook hun steentje bijdragen. Dan krijg je snel irritaties en scheve ogen.”

Heel veel mantelzorgers voelen zich overbelast.

“Tegen hen zeg ik: probeer niet alles zelf te doen. Overlaten is moeilijk, vooral voor vrouwen. Maar als het je lukt om te accepteren dat 80 procent goed genoeg is, houd je de zorg beter en langer vol. Veel mensen zijn bang om hun ouders te kwetsen als ze hun grenzen aangeven. Leg uit hoe je je voelt, en zeg dat áls je komt, je er 100 procent voor hen bent. Verder is de steun en waardering van je omgeving onmisbaar. Als het lukt de zorg samen met je partner te delen, komt dat je eigen relatie bijna altijd ten goede.”

[Tekstblok]

Praten helpt

Het is niet niks om je ouders achteruit te zien gaan. Zorgen, angst en verdriet daarover zijn heel normaal. Als je het zwaar vindt, kan het helpen om daar regelmatig met iemand over te praten. Vrienden of familie, maar soms is het ook fijn om je verhaal bij een buitenstaander te doen. Neem dan contact op met je huisarts of de Mezzo Mantelzorglijn (0900 – 20 20 496/10ct/pm). Verder zijn er in veel gemeenten organisaties voor mantelzorgondersteuning (zie voor een overzicht: mezzo.nl). Daar kun je onder andere met lotgenoten in contact komen. Dat kan ook via facebook.nl/mezzomantelzorg.

Op de website gezondzorgen.mirro.nl kun je als mantelzorger testen of en in welke mate je last hebt van overbelasting. Verder biedt de site filmpjes met ervaringsverhalen van andere mantelzorgers en een zelfhulpprogramma met tips en oefeningen om je leven (meer) in balans te krijgen. Op mantelzorgpower.nl vind je opdrachten die je helpen om tijd voor jezelf te nemen en grenzen te stellen.

[Cijfers]

Vrouwen zorgen meer

Het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) onderzocht vorig jaar de verschillen tussen vrouwen en mannen in het geven van hulp aan (schoon)ouders. De belangrijkste uitkomsten:

  • Bijna twee derde van alle mantelzorgers van (schoon)ouders is vrouw.
  • Zowel vrouwen als mannen geven begeleiding en emotionele steun. Mannen doen wel iets vaker de administratie en vrouwen de verzorging.
  • Zowel vrouwelijke als mannelijke mantelzorgers van (schoon)ouders vinden het heel gewoon om hulp te geven, maar vrouwen voelen zich vaker aangesproken.
  • De meerderheid van de mantelzorgers van (schoon)ouders heeft betaald werk.
  • Van de werkende vrouwen die een (schoon)ouder helpen, heeft 20 procent een fulltime baan. Bij de mannen is dat 75 procent. Mannen ervaren de combinatie van een zorgtaak en (fulltime) baan vaker als zwaar dan vrouwen.

[Tekstblok]

Het keukentafelgesprek

Als je bij de gemeente professionele hulp zoals thuiszorg voor je ouders aanvraagt, komt er iemand langs om in een keukentafelgesprek (officieel: het onderzoek) te kijken welke ondersteuning ze nodig hebben. Het is handig om daar zelf bij te zijn. Voor je ouders, maar ook voor jou als mantelzorger. Gemeenten hebben immers ook de taak om mantelzorgers te ondersteunen. Ginette Klein, coördinator van de Mantelzorglijn van Mezzo, heeft tips over hoe je zo’n gesprek zo goed mogelijk kunt laten verlopen:

  1. “Bereid je voor. Bedenk vooraf waar je zelf als mantelzorger mee geholpen zou zijn. Vraag zo nodig via de gemeente om een (gratis) onafhankelijke cliëntondersteuner. Die kan meedenken en je helpen met de voorbereiding.”
  2. “Schrijf vóór het gesprek op wat je belangrijk vindt om tijdens het gesprek te melden, zodat je niets vergeet.”
  3. “Geef in het gesprek een reëel beeld: waar maakt je je zorgen om, wat kost jou veel energie, waar zou je hulp bij willen?”
  4. “Vraag wat de gemeente voor je kan doen. Welke ondersteuning is er? Is er iets niet helemaal duidelijk? Blijf doorvragen!”
  5. “Het kan moeilijk zijn om in de aanwezigheid van je ouders aan te geven waar je zelf behoefte aan hebt, of wat je lastig vindt in de zorgsituatie. Vraag dan bij de gemeente om een eigen gesprek.”
  6. “Vraag om een schriftelijk verslag van het gesprek. Zo kun je nakijken of de gemeente situatie goed in beeld heeft en welke concrete afspraken er zijn gemaakt.”
  7. “Het keukentafelgesprek is een momentopname. De situatie kan veranderen, of het mantelzorgen kan je zwaarder vallen dan je had gedacht. Spreek daarom een evaluatiemoment met de gemeente af.”

[Tekstblok]

Journaliste Elly Rijnbeek, schrijfster van het boek Dun ijs – De zorg van negen broers en zussen voor hun aftakelende ouders:

“De belangrijkste tip die ik kan geven is om de zorg voor je ouders bespreekbaar te maken nog vóórdat het echt nodig is. Toen mijn 86-jarige moeder in de zomer van 2009 plotseling snel achteruitging, schrok ik me rot. Tot dat moment waren mijn ouders redelijk kras en zelfstandig; met wat poetshulp redden ze het samen. Maar de verzorging voor mijn dementerende vader had van mijn moeder haar tol geëist. Ze begon zombietrekjes te vertonen, vergat van alles. Ineens stortte hun huishouden volledig in en moesten wij kinderen vliegensvlug de dagelijkse mantelzorg op ons nemen. We hadden nooit over dit scenario gesproken, noch met onze ouders, noch met elkaar. Het was dus improviseren. We kregen geen tijd om aan het idee te wennen, wat het extra zwaar maakte.

Het is fijn om de zorg met zoveel mensen te kunnen delen – we waren met negen kinderen plus aanhang en kleinkinderen – maar het maakte de communicatie wel lastig. We deelden vooral veel via de e-mail. Voor je het weet komt een bericht hard of emotieloos over, dan is een misverstand gauw geboren. Zeker omdat het binnen onze familie niet gebruikelijk is om elkaar aan te spreken op gevoel. Verder wilden we allemaal overal iets van vinden, overal over meebeslissen. Maar zo veel kapiteins op een schip, dat werkt natuurlijk niet. Achteraf hadden we beter één coördinator kunnen aanwijzen, dat had vermoedelijk een hoop verwarring en frustratie gescheeld.

Uiteindelijk zijn we de anderhalf jaar mantelzorg als familie zonder al te kleerscheuren doorgekomen. Althans, dat dachten we. Want na het overlijden van mijn ouders brak er ruzie uit over de erfenis. Toen bleek dat met name één zus zich tijdens de zorgperiode steeds buiten spel gezet voelde. Uiteindelijk heeft ze met de rest van ons gebroken. Heel verdrietig dat het zo ver heeft moeten komen. Als we eerder en beter met elkaar over onze gevoelens hadden gepraat, had dat waarschijnlijk niet gehoeven.”

 

[Tekstblok]

Digitale hulp

Samen de zorg voor iemand delen kan knap ingewikkeld zijn. Gelukkig zijn er steeds meer handige hulpjes, zoals een gedeelde digitale agenda, waarmee je eenvoudig afspraken kunt plannen, bezoekschema’s kunt maken en informatie kunt delen. Dat bespaart tijd, voorkomt misverstanden en geeft rust. Caren is een voorbeeld van een gratis internetprogramma (carenzorgt.nl) waarmee je een netwerk opbouwt rond iemand die zorg nodig heeft. De basis bestaat uit een digitale agenda en logboek, waarin je afspraken bijhoudt en informatie uitwisselt. Alleen mensen die je ervoor uitnodigt, kunnen aan jouw netwerk deelnemen. Andere mantelzorgers, maar ook hulpverleners. Zo kun je als naaste bijvoorbeeld zien welke thuiszorgmedewerker wanneer langskomt. Andere voorbeelden van websites voor mantelzorgers om in een beveiligde omgeving zorg te organiseren en/of informatie uit te wisselen zijn: wehelpen.nlmiessagenda.nl, sharecare.nl en mantelplan.nl.

[Tekstblok]

Wie gaat dat betalen?

Veel vragen die bij de Mezzo Mantelzorglijn binnenkomen, gaan over geld. Niet verwonderlijk, want als mantelzorger kun je te maken krijgen met allerlei extra uitgaven. Coördinator van de Mantelzorglijn Ginette Klein: “Uit recent onderzoek onder ons Mantelzorgpanel blijkt dat 55 procent van de mantelzorgers financieel krap zit of geld tekortkomt. Voor 15 procent staan de kosten het zorgen zelfs in de weg. Zij hebben vanwege de kosten minder hulp gegeven dan ze wilden. Alleen al was-, reis- en telefoonkosten komen neer op gemiddeld 1.100 euro op jaarbasis.”

Om je in de kosten tegemoet te komen, was er voorheen het mantelzorgcompliment. Dat was een vast bedrag dat aan mantelzorgers werd uitbetaald, maar sinds 1 januari 2015 mag elke gemeente zelf weten hoe hun ze het budget voor mantelzorgwaardering wil besteden. “Om voor deze waardering in aanmerking te komen, moet de gemeente wel weten dat je zorgtaken verleent”, aldus Klein. “Meld je daarom officieel bij het Wmo-loket als mantelzorger. Daar kunnen ze je ook meer vertellen over eventuele andere financiële vergoedingen.”

Meer informatie: http://www.mezzo.nl/pagina/voor-mantelzorgers/thema-s/geldzaken

[Tekstblok]

Mantelzorgmakelaar

Word je gek van al het regelwerk en de administratieve rompslomp die bij de zorg voor je ouders komt kijken? Dan kan een mantelzorgmakelaar uitkomst bieden. Die helpt je bijvoorbeeld met:

  • het aanvragen van een indicatie of een persoonsgebonden budget;
  • het invullen van formulieren;
  • afspraken maken met je werkgever;
  • het op orde krijgen van de administratie.

Zoek een organisatie voor mantelzorgondersteuning in de buurt en vraag of die een mantelzorgmakelaar in dienst heeft. Je kunt ook kijken op de website van zelfstandig werkende mantelzorgmakelaars: bmzm.nl. Let op: voor de hulp van deze zelfstandigen moet je zelf betalen. Informeer bij je zorgverzekeraar of daar een vergoeding voor is.

[Tekstblok]

Adempauze

Langdurig voor iemand zorgen kan zwaar zijn. Het is dan verstandig om regelmatig een adempauze te nemen. Doe je dat niet, dan loop je het risico dat je er zelf aan onderdoor gaat, en zijn je ouders en jij nog verder van huis. Gelukkig zijn er steeds meer mogelijkheden om zorgtaken (tijdelijk) over te dragen, zodat je zelf kunt opladen. Respijtzorg, heet dat. Incidenteel, zoals tijdens een vakantie, of structureel, bijvoorbeeld elke week een dagdeel.

Het delen van zorg begint met het bespreekbaar maken. Vraag mensen in je omgeving om je te helpen. Begin als je dat moeilijk vindt met kleine dingen, bijvoorbeeld het doen van een boodschap. Besteed vooral klussen uit die te veel tijd vergen, die je echt vervelend vindt of die je om een andere reden veel moeite kosten.

Wil je liever niet iemand uit je eigen omgeving vragen? Dan kun je ook denken aan een vrijwilliger. Op tijdvoorjezelf.mezzo.nl vind je een overzicht van alle respijtvoorzieningen. Check verder bij het Wmo-loket van je gemeente en bij je zorgverzekeraar wat zij aan mantelzorgondersteuning of vervangende zorg bieden. Voor meer tips, zie: http://www.mezzo.nl/vervangende_zorg

[Cijfers]

Wie doet wat?

  • Zo’n 30 procent van alle 18- tot 80-jarigen helpt ouders of schoonouders. Het vaakst gaat het om:
    • een luisterend oor (20 procent) en
    • hulp bij huishoudelijke taken (14 procent).
  • Slechts 3 procent geeft hulp bij de dagelijkse verzorging.
  • Van de 18- tot 25-jarigen helpt 6 procent hun ouders met huishoudelijke taken, van de 45-tot-55-jarigen is dat 24 procent en van de 65-plussers 40 procent.
  • 18 procent van de vrouwen helpen hun ouders in het huishouden. Van de mannen doet 13 procent dat.
  • Jongere leeftijdsgroepen geven vaker emotionele steun. Ongeveer een derde van de 18- tot 35-jarigen biedt een luisterend oor als de ouders persoonlijke zaken willen bespreken, en ongeveer een op de tien 55- tot 80-jarigen.
  • 38 procent van de mannen en 28 procent van de vrouwen dat volwassen kinderen financieel moeten bijspringen wanneer ouders het financieel niet redden. Toch steunt in de praktijk maar 2 procent van de volwassenen hun ouders met geld of goederen.

Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2015

[Tekstblok]

Hoe moet dat met mijn werk?

Het is lang niet altijd gemakkelijk om werk te combineren met intensieve zorgtaken. Iedere zorgsituatie is anders, maar vaak is er meer mogelijk dan je denkt. De Stichting Werk & Mantelzorg heeft hierover een speciale website ontwikkeld, mantelzorgpower.nl. “Je vindt er een overzicht van (wettelijke) regelingen die je kunnen helpen, bijvoorbeeld kort- of langdurig zorgverlof, calamiteitenverlof en flexibel werken”, vertelt Coördinator Ginette Klein van de Mezzo Mantelzorglijn. “Ook in cao’s staan steeds vaker afspraken om werk en privé beter te kunnen combineren. Daarnaast vind je op de website informatie en tips over (maatwerk)oplossingen en hoe je hierover met je leidinggevende het gesprek kunt aangaan. Er is ook aandacht voor de persoonlijke kant. De module ‘Aan de slag met mijzelf’ helpt je bijvoorbeeld om voldoende tijd te nemen voor jezelf en om te gaan met veranderingen.”

 

%d bloggers liken dit: